BWBR0024314
Geldig vanaf 06-07-2008
Artikel 11
Verordening fokken op terugdringing TSE-gevoeligheid bij schapen (PVV) 2008
1. De aanvraag voor erkenning van een fokprogramma, als bedoeld in artikel 2, wordt ingediend bij de voorzitter en gaat vergezeld van ten minste de volgende gegevens:
a. de naam van de erkende instelling of fokkerijvereniging;
b. het ras van de schapen;
c. per ras het aantal in het stamboek van de erkende instelling geregistreerde schapen, dan wel de bij de fokkerijvereniging ingeschreven schapen, opgesplitst naar rammen en ooien;
d. het fokprogramma waarvan de erkende instelling of fokkerijvereniging erkenning aanvraagt.
2. Het bestuur stelt bij besluit ten behoeve van de aanvraag een model formulier met toelichting vast.
3. Het in het tweede lid bedoelde besluit wordt gepubliceerd in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie.
a. de naam van de erkende instelling of fokkerijvereniging;
b. het ras van de schapen;
c. per ras het aantal in het stamboek van de erkende instelling geregistreerde schapen, dan wel de bij de fokkerijvereniging ingeschreven schapen, opgesplitst naar rammen en ooien;
d. het fokprogramma waarvan de erkende instelling of fokkerijvereniging erkenning aanvraagt.
2. Het bestuur stelt bij besluit ten behoeve van de aanvraag een model formulier met toelichting vast.
3. Het in het tweede lid bedoelde besluit wordt gepubliceerd in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie.
- Citeren als
- Art. 11
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0024314
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl