BWBR0024242
Geldig vanaf 2008-07-24
Artikel 4
Tijdelijke subsidieregeling voorkomen en tegengaan van polarisatie en radicalisering
1. De subsidie wordt geweigerd als:
a. de uitvoering van de activiteiten plaatsvindt na 2011;
b. de subsidie is bedoeld voor instandhouding van een organisatie;
c. de activiteiten bedoeld zijn om goederen of diensten met winstoogmerk te verhandelen.
2. De Minister weigert de subsidieverlening geheel of gedeeltelijk wanneer naar zijn oordeel:
a. de activiteiten onvoldoende bijdragen aan het voorkomen of tegengaan van polarisatie en radicalisering onder jongeren;
b. de aard en de omvang van de problematiek waar de activiteiten op zijn gericht te gering is;
c. de activiteiten onvoldoende innovatief zijn;
d. de kosten van de activiteiten te hoog zijn in verhouding tot het beoogde resultaat;
e. de activiteiten niet passen binnen de prioriteiten die de Minister voorafgaand aan het subsidiejaar heeft vastgesteld in een beleidsregel.
a. de uitvoering van de activiteiten plaatsvindt na 2011;
b. de subsidie is bedoeld voor instandhouding van een organisatie;
c. de activiteiten bedoeld zijn om goederen of diensten met winstoogmerk te verhandelen.
2. De Minister weigert de subsidieverlening geheel of gedeeltelijk wanneer naar zijn oordeel:
a. de activiteiten onvoldoende bijdragen aan het voorkomen of tegengaan van polarisatie en radicalisering onder jongeren;
b. de aard en de omvang van de problematiek waar de activiteiten op zijn gericht te gering is;
c. de activiteiten onvoldoende innovatief zijn;
d. de kosten van de activiteiten te hoog zijn in verhouding tot het beoogde resultaat;
e. de activiteiten niet passen binnen de prioriteiten die de Minister voorafgaand aan het subsidiejaar heeft vastgesteld in een beleidsregel.