BWBR0024159
Geldig vanaf 2008-07-13
Artikel 3
Beleidsregel uitoefening bevoegdheid ex artikel 82, tweede lid, van de Gaswet
1. Indien na de datum van inwerkingtreding van deze beleidsregel een investering in gebruik wordt genomen ter vervanging of uitbreiding van een deel van het lage druk transportleidingennet of ter vervanging van een deel van het hoge druk transportleidingennet, dan wordt bij het vaststellen van de methode van regulering voor de taken van de netbeheerder van het landelijk gastransportnet mede uitgegaan van:
a. de waarde van de investering;
b. een lineaire afschrijving over een termijn van 55 jaar voor leidingen en jaarlijkse indexatie;
c. een reële kapitaalkostenvergoeding vóór belastingen van 5,5%.
2. Indien na de datum van inwerkingtreding van deze beleidsregel een investering in gebruik wordt genomen ter uitbreiding van een deel van het hoge druk transportleidingennet, dan wordt bij het vaststellen van de methode van regulering voor de taken van de netbeheerder van het landelijk gastransportnet mede uitgegaan van:
a. de waarde van de investering;
b. een lineaire afschrijving over een termijn van 20 jaar en jaarlijkse indexatie;
c. een reële kapitaalkostenvergoeding vóór belastingen van 7,0%.
3. Indien na de datum van inwerkingtreding van deze beleidsregel een investering in gebruik wordt genomen ten behoeve van de in artikel 10a, onder b en c, van de wetomschreven taken, dan wordt bij het vaststellen van de methode van regulering voor de taken van de netbeheerder van het landelijk gastransportnet mede uitgegaan van:
a. de waarde van de investering;
b. een reële kapitaalkostenvergoeding vóór belastingen van 5,5%.
a. de waarde van de investering;
b. een lineaire afschrijving over een termijn van 55 jaar voor leidingen en jaarlijkse indexatie;
c. een reële kapitaalkostenvergoeding vóór belastingen van 5,5%.
2. Indien na de datum van inwerkingtreding van deze beleidsregel een investering in gebruik wordt genomen ter uitbreiding van een deel van het hoge druk transportleidingennet, dan wordt bij het vaststellen van de methode van regulering voor de taken van de netbeheerder van het landelijk gastransportnet mede uitgegaan van:
a. de waarde van de investering;
b. een lineaire afschrijving over een termijn van 20 jaar en jaarlijkse indexatie;
c. een reële kapitaalkostenvergoeding vóór belastingen van 7,0%.
3. Indien na de datum van inwerkingtreding van deze beleidsregel een investering in gebruik wordt genomen ten behoeve van de in artikel 10a, onder b en c, van de wetomschreven taken, dan wordt bij het vaststellen van de methode van regulering voor de taken van de netbeheerder van het landelijk gastransportnet mede uitgegaan van:
a. de waarde van de investering;
b. een reële kapitaalkostenvergoeding vóór belastingen van 5,5%.