BWBR0023788
Geldig vanaf 2008-04-26
Artikel 6
Instellingsregeling commissie kinderhartinterventies
De commissie dient bij de totstandkoming van haar advies te streven naar een zo groot mogelijk draagvlak bij de desbetreffende beroepsbeoefenaren, instellingen en andere betrokken partijen. Zij zal daartoe in ieder geval de volgende partijen horen:
– Nederlandse Vereniging voor Cardiologie
– Nederlandse Vereniging voor Thoraxchirurgie
– Nederlandse Vereniging voor Kindergeneeskunde (bestuur en sectie Kindercardiologie)
– Nederlandse Federatie van Universitair Medische Centra
– Academisch Medisch Centrum te Amsterdam
– Academisch ziekenhuis Maastricht te Maastricht
– Erasmus Medisch Centrum te Rotterdam
– Leids Universitair Medisch Centrum te Leiden
– Universitair Medisch Centrum Groningen te Groningen
– Universitair Medisch Centrum Utrecht te Utrecht
– Universitair Medisch Centrum St. Radboud te Nijmegen
– VU medisch centrum te Amsterdam
– de betreffende patiëntenvereniging(en)
De commissie zal haar werkzaamheden tevens afstemmen met de Inspectie voor de Gezondheidszorg.
– Nederlandse Vereniging voor Cardiologie
– Nederlandse Vereniging voor Thoraxchirurgie
– Nederlandse Vereniging voor Kindergeneeskunde (bestuur en sectie Kindercardiologie)
– Nederlandse Federatie van Universitair Medische Centra
– Academisch Medisch Centrum te Amsterdam
– Academisch ziekenhuis Maastricht te Maastricht
– Erasmus Medisch Centrum te Rotterdam
– Leids Universitair Medisch Centrum te Leiden
– Universitair Medisch Centrum Groningen te Groningen
– Universitair Medisch Centrum Utrecht te Utrecht
– Universitair Medisch Centrum St. Radboud te Nijmegen
– VU medisch centrum te Amsterdam
– de betreffende patiëntenvereniging(en)
De commissie zal haar werkzaamheden tevens afstemmen met de Inspectie voor de Gezondheidszorg.