BWBR0023742
Geldig vanaf 2008-04-12
Artikel 42
Regeling bekostiging personeel PO 2008–2009 en aanpassing bedragen leerlinggebonden budget VO 2008–2009
1. Het bevoegd gezag van een basisschool die met ingang van 1 augustus is ontstaan uit samenvoeging van twee of meer zelfstandige basisscholen, ontvangt het eerste schooljaar na de samenvoeging bijzondere bekostiging voor de personeelskosten van leraren en die van de schoolleiding, berekend op grond van het derde en vierde lid.
2. Het bevoegd gezag, bedoeld in het eerste lid, ontvangt in het tweede schooljaar na de samenvoeging
a. de helft van de bijzondere bekostiging, berekend op grond van het derde lid, aangepast aan de ontwikkeling van de genormeerde gemiddelde personeelslasten van basisscholen, en
b. de bijzondere bekostiging berekend op grond van het vierde lid, aangepast aan de ontwikkeling van de genormeerde gemiddelde personeelslasten van basisscholen.
3. De bijzondere bekostiging voor de personeelskosten van leraren is voor het eerste schooljaar na de samenvoeging gelijk aan X – Y, waarin:
X = de som van de bekostiging van alle bij de samenvoeging betrokken scholen, berekend op grond van de artikelen 23, 24, 25en 28 van het Besluit bekostiging WPOin het schooljaar na de samenvoeging, wanneer de samenvoeging niet zou hebben plaatsgevonden
Y = de som van de bekostiging van de samengevoegde school, berekend op grond van de artikelen 23, 24, 25en 28 van het Besluit bekostiging WPOin het schooljaar na de samenvoeging.
4. De bijzondere bekostiging voor de personeelskosten van de schoolleiding is voor het eerste schooljaar na de samenvoeging gelijk aan Xs – Ys, waarin:
Xs = de som van de bekostiging van alle bij de samenvoeging betrokken scholen, berekend op grond van artikel 26 van het Besluit bekostiging WPOin het schooljaar na de samenvoeging, wanneer de samenvoeging niet zou hebben plaatsgevonden
Ys = de som van de bekostiging van de samengevoegde school, berekend op grond van artikel 26 van het Besluit bekostiging WPOin het schooljaar na de samenvoeging.
2. Het bevoegd gezag, bedoeld in het eerste lid, ontvangt in het tweede schooljaar na de samenvoeging
a. de helft van de bijzondere bekostiging, berekend op grond van het derde lid, aangepast aan de ontwikkeling van de genormeerde gemiddelde personeelslasten van basisscholen, en
b. de bijzondere bekostiging berekend op grond van het vierde lid, aangepast aan de ontwikkeling van de genormeerde gemiddelde personeelslasten van basisscholen.
3. De bijzondere bekostiging voor de personeelskosten van leraren is voor het eerste schooljaar na de samenvoeging gelijk aan X – Y, waarin:
X = de som van de bekostiging van alle bij de samenvoeging betrokken scholen, berekend op grond van de artikelen 23, 24, 25en 28 van het Besluit bekostiging WPOin het schooljaar na de samenvoeging, wanneer de samenvoeging niet zou hebben plaatsgevonden
Y = de som van de bekostiging van de samengevoegde school, berekend op grond van de artikelen 23, 24, 25en 28 van het Besluit bekostiging WPOin het schooljaar na de samenvoeging.
4. De bijzondere bekostiging voor de personeelskosten van de schoolleiding is voor het eerste schooljaar na de samenvoeging gelijk aan Xs – Ys, waarin:
Xs = de som van de bekostiging van alle bij de samenvoeging betrokken scholen, berekend op grond van artikel 26 van het Besluit bekostiging WPOin het schooljaar na de samenvoeging, wanneer de samenvoeging niet zou hebben plaatsgevonden
Ys = de som van de bekostiging van de samengevoegde school, berekend op grond van artikel 26 van het Besluit bekostiging WPOin het schooljaar na de samenvoeging.