BWBR0023189
Geldig vanaf 2016-12-09
Artikel 23
Warenwetregeling vaststelling van tarieven voor retributies levensmiddelen 2008
1. De retributie voor een digitale aanvullende officiële controle bedraagt € 68,87.
2. De retributie voor een schriftelijke aanvullende officiële controle bedraagt € 94,70.
3. De retributie voor een aanvullende officiële controle bedraagt voor iedere medewerker:
a. € 105,53 starttarief; en
b. een bedrag van € 26,76 per kwartier dat aan de inspectiewerkzaamheden door een medewerker van de NVWA is besteed.
4. De retributie, bedoeld in het derde lid, wordt vermeerderd met € 26,76 administratiekosten.
5. In afwijking van het vierde lid wordt de retributie, bedoeld in het derde lid, vermeerderd met:
a. € 53,51 administratiekosten indien een interventie plaatsvindt; of
b. € 267,55 administratiekosten indien de natuurlijke persoon of rechtspersoon eerder drie maal is beboet voor een vergelijkbare overtreding en er nog geen twee jaar zijn verlopen sinds die eerdere bestuurlijke boetes onherroepelijk zijn geworden.
6. De retributie, bedoeld in het derde lid, wordt bij bemonstering en laboratoriumonderzoek vermeerderd met:
a. een bedrag van € 26,76 per kwartier dat aan de bemonsteringswerkzaamheden door een medewerker van de NVWA is besteed; en
b. de werkelijke kosten van het uitgevoerde laboratorium onderzoek.
7. De retributie voor een aanvullende officiële bemonstering bedraagt voor iedere medewerker:
a. € 105,53 starttarief;
b. een bedrag van € 26,76 per kwartier dat aan de bemonsteringswerkzaamheden door een medewerker van de NVWA is besteed;
c. de werkelijke kosten van het uitgevoerde laboratorium onderzoek; en
d. € 26,76 administratiekosten.
8. In afwijking van het eerste tot en met zevende lid bedraagt de retributie voor een aanvullende officiële controle bij een inrichting als bedoeld in artikel 4 van verordening (EG) 853/2004 en waarvoor bijlage III, sectie IX, van die verordening voorschriften bevat;
a. € 75,25 starttarief;
b. een bedrag van € 18,82 per kwartier dat aan de werkzaamheden is besteed door de persoon die met de werkzaamheden is belast; en
c. € 69,70 administratiekosten.
9. In afwijking van het eerste tot en met zevende lid bedraagt de retributie voor een aanvullende officiële controle bij een inrichting als bedoeld in artikel 4 van verordening (EG) 853/2004 en waarvoor bijlage III, sectie X, van die verordening voorschriften bevat:
a. € 55,88 starttarief;
b. € 18,33 per kwartier dat aan de werkzaamheden is besteed door de persoon die met de werkzaamheden is belast; en
c. € 69,00 administratiekosten.
10. In afwijking van het derde tot en met zevende lid bedraagt de retributie voor een aanvullende officiële controle in een erkend bedrijf voor iedere medewerker van de NVWA:
a. € 162,19 starttarief; en
b. € 31,58 per kwartier dan aan de inspectiewerkzaamheden door deze medewerker van de NVWA is besteed.
11. De retributie, bedoeld in het tiende lid, wordt vermeerderd met een in de tweede kolom van de bijlagegenoemd bedrag aan administratiekosten, waarbij het bedrag afhankelijk is van de inspectietijd, zoals opgenomen in de eerste kolom van de bijlage.
12. Dit artikel is niet van toepassing op een periodieke controle in een erkend bedrijf als bedoeld in artikel 5, eerste lid, van het besluit.
2. De retributie voor een schriftelijke aanvullende officiële controle bedraagt € 94,70.
3. De retributie voor een aanvullende officiële controle bedraagt voor iedere medewerker:
a. € 105,53 starttarief; en
b. een bedrag van € 26,76 per kwartier dat aan de inspectiewerkzaamheden door een medewerker van de NVWA is besteed.
4. De retributie, bedoeld in het derde lid, wordt vermeerderd met € 26,76 administratiekosten.
5. In afwijking van het vierde lid wordt de retributie, bedoeld in het derde lid, vermeerderd met:
a. € 53,51 administratiekosten indien een interventie plaatsvindt; of
b. € 267,55 administratiekosten indien de natuurlijke persoon of rechtspersoon eerder drie maal is beboet voor een vergelijkbare overtreding en er nog geen twee jaar zijn verlopen sinds die eerdere bestuurlijke boetes onherroepelijk zijn geworden.
6. De retributie, bedoeld in het derde lid, wordt bij bemonstering en laboratoriumonderzoek vermeerderd met:
a. een bedrag van € 26,76 per kwartier dat aan de bemonsteringswerkzaamheden door een medewerker van de NVWA is besteed; en
b. de werkelijke kosten van het uitgevoerde laboratorium onderzoek.
7. De retributie voor een aanvullende officiële bemonstering bedraagt voor iedere medewerker:
a. € 105,53 starttarief;
b. een bedrag van € 26,76 per kwartier dat aan de bemonsteringswerkzaamheden door een medewerker van de NVWA is besteed;
c. de werkelijke kosten van het uitgevoerde laboratorium onderzoek; en
d. € 26,76 administratiekosten.
8. In afwijking van het eerste tot en met zevende lid bedraagt de retributie voor een aanvullende officiële controle bij een inrichting als bedoeld in artikel 4 van verordening (EG) 853/2004 en waarvoor bijlage III, sectie IX, van die verordening voorschriften bevat;
a. € 75,25 starttarief;
b. een bedrag van € 18,82 per kwartier dat aan de werkzaamheden is besteed door de persoon die met de werkzaamheden is belast; en
c. € 69,70 administratiekosten.
9. In afwijking van het eerste tot en met zevende lid bedraagt de retributie voor een aanvullende officiële controle bij een inrichting als bedoeld in artikel 4 van verordening (EG) 853/2004 en waarvoor bijlage III, sectie X, van die verordening voorschriften bevat:
a. € 55,88 starttarief;
b. € 18,33 per kwartier dat aan de werkzaamheden is besteed door de persoon die met de werkzaamheden is belast; en
c. € 69,00 administratiekosten.
10. In afwijking van het derde tot en met zevende lid bedraagt de retributie voor een aanvullende officiële controle in een erkend bedrijf voor iedere medewerker van de NVWA:
a. € 162,19 starttarief; en
b. € 31,58 per kwartier dan aan de inspectiewerkzaamheden door deze medewerker van de NVWA is besteed.
11. De retributie, bedoeld in het tiende lid, wordt vermeerderd met een in de tweede kolom van de bijlagegenoemd bedrag aan administratiekosten, waarbij het bedrag afhankelijk is van de inspectietijd, zoals opgenomen in de eerste kolom van de bijlage.
12. Dit artikel is niet van toepassing op een periodieke controle in een erkend bedrijf als bedoeld in artikel 5, eerste lid, van het besluit.