De
hoofdstukken I tot en met VIen
VIII tot en met Xen de
artikelen IIen
III van de Loodsenwet, zoals deze luidden voor het tijdstip van inwerkingtreding van artikel I, onderdeel K, van deze wet, blijven van kracht ten aanzien van:
a. voor dat tijdstip ingediende aanvragen om enig besluit op grond van deze hoofdstukken en artikelen;
b. de mogelijkheid om bezwaar te maken of beroep in te stellen tegen enig besluit op grond van deze hoofdstukken of artikelen dat op het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet nog niet onherroepelijk is;
c. de behandeling van het bezwaar of het beroep gericht tegen enig besluit op grond van deze hoofdstukken of artikelen dat voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet is gemaakt, onderscheidenlijk ingesteld;
d. de behandeling van het bezwaar of het beroep dat op of na het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet is gemaakt, onderscheidenlijk ingesteld en dat is gericht tegen enig besluit op grond van deze hoofdstukken of artikelen waartegen voor dat tijdstip eveneens bezwaar is gemaakt, onderscheidenlijk beroep is ingesteld.