BWBR0022757
Geldig vanaf 02-11-2007
Artikel 4
Regeling declaratiebepalingen DBC-bedragen en overige bedragen medisch specialistische zorg door of vanwege de zorginstelling
De zorginstelling declareert het totale DBC-tarief, inclusief het honorarium voor de in de instelling werkzame specialisten. Intramurale specialisten declareren de honorariumbedragen aan of via de zorginstelling.
Declaratie vindt plaats wanneer een DBC is afgesloten. Een DBC kan op zeven manieren worden afgesloten:
1. Bij afsluiting van de behandeling;
2. Bij verandering van het zorgtype;
3. Bij beëindiging van de behandeling door definitieve overdracht van de patiënt naar een andere instelling;
4. 365 dagen na opening van een DBC;
5. 30 dagen na opening, ingeval het een chronische DBC betreft die in de in bijlage 1 opgenomen limitatieve lijst van chronische DBC’s is opgenomen.
6. 7 dagen na opening, ingeval het een dialyse DBC betreft die in de in bijlage 2 opgenomen limitatieve lijst is opgenomen;
7. Bij overlijden van de patiënt.
Het volledige DBC-tarief kan in rekening worden gebracht voor DBC’s die zijn geopend vanaf 1 februari 2005 en die intern zijn gevalideerd door de zorginstelling via de validatiemodule. Vanaf 1 januari 2007 wordt het ordernummer gehanteerd ten behoeve van declaraties door aanbieders. Uitgangspunt voor declaratie is het DBC-tarief dat gold op het moment van openen van de DBC4De voorwaarde van validering door de zorginstelling via de validatiemodule geldt niet voor de zelfstandige radiotherapeutische instellingen, de zelfstandige dialysecentra en de audiologische centra. Hier dienen wel alternatieve controlemaatregelen aanwezig te zijn met vergelijkbare betrouwbaarheidsgraad. Voor de zelfstandige radiotherapeutische instellingen en de zelfstandige dialysecentra geldt dat het volledige DBC-tarief in rekening kan worden gebracht voor DBC’s die zijn geopend vanaf 1 februari 2006 en dat er voor verrichtingen na 1 februari 2006 geen onderliggende NZA-verrichtingencodes meer kunnen worden gedeclareerd. Voor de audiologische centra geldt dat het volledige DBC-tarief in rekening kan worden gebracht voor DBC’s die zijn geopend vanaf 1 januari 2007 en dat er voor verrichtingen na 1 januari 2007 geen onderliggende NZA-verrichtingencodes meer kunnen worden gedeclareerd.. Alleen DBC’s die volgens de vigerende typeringsinstructies zijn getypeerd en die zijn gevalideerd volgens de vigerende validatiemodule kunnen worden gedeclareerd.
Het DBC-tarief wordt gedeclareerd aan de patiënt of aan de ziektekostenverzekeraar. Wanneer de patiënt gedurende de looptijd van een DBC is veranderd van ziektekostenverzekeraar, dient de DBC te worden gedeclareerd aan de ziektekostenverzekeraar bij wie de patiënt verzekerd was op het moment van opening van de te declareren DBC.
De gegevens die op de factuur dienen te worden vermeld zijn opgenomen in de regeling ‘informatieverstrekking DBC-bedragen en overige bedragen medisch specialistische zorg door of vanwege de zorginstelling’.
Binnen één specialisme kunnen gelijktijdig meerdere DBC’s voor dezelfde patiënt voorkomen (parallelle DBC’s).
DBC’s die vallen onder een wettelijke regeling worden alleen gedeclareerd door zorgaanbieders die in het kader van de betreffende wettelijke regeling toestemming hebben de verrichtingen uit te voeren. Voor de specifieke declaratiebepalingen voor deze DBC’s wordt verwezen naar bijlage 3.
DBC’s consult worden alleen gedeclareerd indien aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:
– alle DBC’s consult maken onderdeel uit van het A-segment.
– maximaal twee DBC’s consult per 365 dagen per patiënt per DBC-diagnose per poortspecialisme per instelling.
– Indien er sprake is van dubbelzijdige behandeling tijdens één en hetzelfde consult wordt er slechts één DBC consult in rekening gebracht.
– niet in combinatie met ICC tijdens opname bij een ander specialisme.
– niet gebruiken voor diagnostiek of verrichtingen op verzoek van eerste lijn of derden in geval van onderlinge dienstverlening (dus niet in plaats van een O(v)P).
– er is geen sprake van een DBC consult indien er direct voortkomend uit het betreffende consult op initiatief van de specialist een vervolgafspraak wordt gemaakt met het betreffende specialisme.
– voor het specialisme anesthesiologie alleen voor wat betreft pijnbestrijding DBC’s.
– niet bij preoperatieve screening.
Declaratie vindt plaats wanneer een DBC is afgesloten. Een DBC kan op zeven manieren worden afgesloten:
1. Bij afsluiting van de behandeling;
2. Bij verandering van het zorgtype;
3. Bij beëindiging van de behandeling door definitieve overdracht van de patiënt naar een andere instelling;
4. 365 dagen na opening van een DBC;
5. 30 dagen na opening, ingeval het een chronische DBC betreft die in de in bijlage 1 opgenomen limitatieve lijst van chronische DBC’s is opgenomen.
6. 7 dagen na opening, ingeval het een dialyse DBC betreft die in de in bijlage 2 opgenomen limitatieve lijst is opgenomen;
7. Bij overlijden van de patiënt.
Het volledige DBC-tarief kan in rekening worden gebracht voor DBC’s die zijn geopend vanaf 1 februari 2005 en die intern zijn gevalideerd door de zorginstelling via de validatiemodule. Vanaf 1 januari 2007 wordt het ordernummer gehanteerd ten behoeve van declaraties door aanbieders. Uitgangspunt voor declaratie is het DBC-tarief dat gold op het moment van openen van de DBC4De voorwaarde van validering door de zorginstelling via de validatiemodule geldt niet voor de zelfstandige radiotherapeutische instellingen, de zelfstandige dialysecentra en de audiologische centra. Hier dienen wel alternatieve controlemaatregelen aanwezig te zijn met vergelijkbare betrouwbaarheidsgraad. Voor de zelfstandige radiotherapeutische instellingen en de zelfstandige dialysecentra geldt dat het volledige DBC-tarief in rekening kan worden gebracht voor DBC’s die zijn geopend vanaf 1 februari 2006 en dat er voor verrichtingen na 1 februari 2006 geen onderliggende NZA-verrichtingencodes meer kunnen worden gedeclareerd. Voor de audiologische centra geldt dat het volledige DBC-tarief in rekening kan worden gebracht voor DBC’s die zijn geopend vanaf 1 januari 2007 en dat er voor verrichtingen na 1 januari 2007 geen onderliggende NZA-verrichtingencodes meer kunnen worden gedeclareerd.. Alleen DBC’s die volgens de vigerende typeringsinstructies zijn getypeerd en die zijn gevalideerd volgens de vigerende validatiemodule kunnen worden gedeclareerd.
Het DBC-tarief wordt gedeclareerd aan de patiënt of aan de ziektekostenverzekeraar. Wanneer de patiënt gedurende de looptijd van een DBC is veranderd van ziektekostenverzekeraar, dient de DBC te worden gedeclareerd aan de ziektekostenverzekeraar bij wie de patiënt verzekerd was op het moment van opening van de te declareren DBC.
De gegevens die op de factuur dienen te worden vermeld zijn opgenomen in de regeling ‘informatieverstrekking DBC-bedragen en overige bedragen medisch specialistische zorg door of vanwege de zorginstelling’.
Binnen één specialisme kunnen gelijktijdig meerdere DBC’s voor dezelfde patiënt voorkomen (parallelle DBC’s).
DBC’s die vallen onder een wettelijke regeling worden alleen gedeclareerd door zorgaanbieders die in het kader van de betreffende wettelijke regeling toestemming hebben de verrichtingen uit te voeren. Voor de specifieke declaratiebepalingen voor deze DBC’s wordt verwezen naar bijlage 3.
DBC’s consult worden alleen gedeclareerd indien aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:
– alle DBC’s consult maken onderdeel uit van het A-segment.
– maximaal twee DBC’s consult per 365 dagen per patiënt per DBC-diagnose per poortspecialisme per instelling.
– Indien er sprake is van dubbelzijdige behandeling tijdens één en hetzelfde consult wordt er slechts één DBC consult in rekening gebracht.
– niet in combinatie met ICC tijdens opname bij een ander specialisme.
– niet gebruiken voor diagnostiek of verrichtingen op verzoek van eerste lijn of derden in geval van onderlinge dienstverlening (dus niet in plaats van een O(v)P).
– er is geen sprake van een DBC consult indien er direct voortkomend uit het betreffende consult op initiatief van de specialist een vervolgafspraak wordt gemaakt met het betreffende specialisme.
– voor het specialisme anesthesiologie alleen voor wat betreft pijnbestrijding DBC’s.
– niet bij preoperatieve screening.
- Citeren als
- Art. 4
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0022757
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl