BWBR0022538
Geldig vanaf 28-09-2007
Artikel 6
Regeling aanvullende bekostiging maatschappelijke stage in het voortgezet onderwijs
1. De Minister beslist op een aanvraag als bedoeld in artikel 5, tweede lid, vóór 1 september van het kalenderjaar waarop de aanvraag betrekking heeft.
2. De betaling van de aanvullende bekostiging, bedoeld in artikel 2, vindt plaats in september van het kalenderjaar waarop de aanvraag betrekking heeft.
3. In afwijking van het eerste en tweede lid beslist de Minister op een aanvraag als bedoeld in artikel 5, vijfde lid, vóór 22 december 2007, en vindt de betaling van de aanvullende bekostiging plaats in december 2007.
2. De betaling van de aanvullende bekostiging, bedoeld in artikel 2, vindt plaats in september van het kalenderjaar waarop de aanvraag betrekking heeft.
3. In afwijking van het eerste en tweede lid beslist de Minister op een aanvraag als bedoeld in artikel 5, vijfde lid, vóór 22 december 2007, en vindt de betaling van de aanvullende bekostiging plaats in december 2007.
- Citeren als
- Art. 6
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0022538
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl