BWBR0022486
Geldig vanaf 26-08-2007
Artikel 6
Verordening subsidieverlening terugdringing salmonella (PPE) 2007
1. De voorzitter verleend op aanvraag van de ondernemer een subsidie aan de ondernemer die ten behoeve van de vaccinatie van vermeerderingsdieren vaccins tegen S.e of S.t koopt en aan de vermeerderingsdieren toedient.
2. De in het eerste lid bedoelde subsidie bedraagt € 0,20 per gevaccineerd vermeerderingsdier indien de vaccinatie is uitgevoerd met een geïnactiveerd vaccin van € 0,08 per gevaccineerd vermeerderingsdier indien de vaccinatie is uitgevoerd met een levend vaccin.
3. De subsidie wordt slechts verleend indien de voorzitter heeft vastgesteld dat:
a. de vaccinatie heeft plaatsgevonden in de periode vanaf 1 januari 2007 tot en met 31 december 2007 overeenkomstig het bepaalde bij of krachtens de Verordening;
b. de gevaccineerde vermeerderingsdieren op een overeenkomstig de Verordening identificatie en registratie van pluimveebedrijven, broedeieren en levend pluimvee (PPE) 2005 geregistreerd fokbedrijf of vermeerderingsbedrijf in productie zijn gekomen;
c. de aanvraag voor subsidie door het productschap is ontvangen binnen twee maanden nadat de gevaccineerde vermeerderingsdieren zijn overgeplaatst naar de in het derde lid onder b. bedoelde fokbedrijf of vermeerderingsbedrijf.
4. De subsidie wordt op volgorde van aanvraag verleend totdat het subsidieplafond als bedoeld in artikel 8, tweede lid, is bereikt.
5. Indien de in het eerste lid bedoelde aanvraag betrekking heeft op vermeerderingsdieren waarvoor de ondernemer in 2006 subsidie heeft gekregen op grond van de Subsidieregeling terugdringing salmonella in de pluimveesector 2006, wordt de te verlenen subsidie verminderd met het subsidiebedrag dat op grond van de Subsidieregeling terugdringing salmonella in de pluimveesector 2006 is verleend.
2. De in het eerste lid bedoelde subsidie bedraagt € 0,20 per gevaccineerd vermeerderingsdier indien de vaccinatie is uitgevoerd met een geïnactiveerd vaccin van € 0,08 per gevaccineerd vermeerderingsdier indien de vaccinatie is uitgevoerd met een levend vaccin.
3. De subsidie wordt slechts verleend indien de voorzitter heeft vastgesteld dat:
a. de vaccinatie heeft plaatsgevonden in de periode vanaf 1 januari 2007 tot en met 31 december 2007 overeenkomstig het bepaalde bij of krachtens de Verordening;
b. de gevaccineerde vermeerderingsdieren op een overeenkomstig de Verordening identificatie en registratie van pluimveebedrijven, broedeieren en levend pluimvee (PPE) 2005 geregistreerd fokbedrijf of vermeerderingsbedrijf in productie zijn gekomen;
c. de aanvraag voor subsidie door het productschap is ontvangen binnen twee maanden nadat de gevaccineerde vermeerderingsdieren zijn overgeplaatst naar de in het derde lid onder b. bedoelde fokbedrijf of vermeerderingsbedrijf.
4. De subsidie wordt op volgorde van aanvraag verleend totdat het subsidieplafond als bedoeld in artikel 8, tweede lid, is bereikt.
5. Indien de in het eerste lid bedoelde aanvraag betrekking heeft op vermeerderingsdieren waarvoor de ondernemer in 2006 subsidie heeft gekregen op grond van de Subsidieregeling terugdringing salmonella in de pluimveesector 2006, wordt de te verlenen subsidie verminderd met het subsidiebedrag dat op grond van de Subsidieregeling terugdringing salmonella in de pluimveesector 2006 is verleend.
- Citeren als
- Art. 6
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0022486
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl