BWBR0022233
Geldig vanaf 2012-05-01
Artikel 4.2
Besluit OM-afdoening
Voor zaken betreffende de in artikel 4.3aangewezen strafbare feiten wordt de strafbeschikkingsbevoegdheid toegekend aan de volgende lichamen of personen:
a. de directeuren van de omgevingsdiensten, voor de feiten vermeld in hoofdstuk 1 van bijlage II van dit besluit;
b. de dagelijkse besturen van de waterschappen voor feiten vermeld in bijlage II van dit besluit;
c. de hoofdingenieurs-directeur van de regionale en landelijke diensten van Rijkswaterstaat van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat voor feiten vermeld in bijlage II van dit besluit;
d. de inspecteur-generaal van de Inspectie voor Leefomgeving en Transport van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, voor de feiten vermeld in hoofdstuk 1 van bijlage II van dit besluit;
e. de inspecteur-generaal van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit van het Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie, voor de feiten vermeld in hoofdstuk 1 van bijlage II van dit besluit;
f. de algemeen directeur van de Belastingdienst/Douane voor de feiten vermeld in hoofdstuk 1 van bijlage II van dit Besluit;
g. de voorzitter van de Autoriteit Nucleaire Veiligheid en Stralingsbescherming, genoemd in artikel 3, eerste lid, van de Kernenergiewet voor de feiten vermeld in bijlage II van dit Besluit.
a. de directeuren van de omgevingsdiensten, voor de feiten vermeld in hoofdstuk 1 van bijlage II van dit besluit;
b. de dagelijkse besturen van de waterschappen voor feiten vermeld in bijlage II van dit besluit;
c. de hoofdingenieurs-directeur van de regionale en landelijke diensten van Rijkswaterstaat van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat voor feiten vermeld in bijlage II van dit besluit;
d. de inspecteur-generaal van de Inspectie voor Leefomgeving en Transport van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, voor de feiten vermeld in hoofdstuk 1 van bijlage II van dit besluit;
e. de inspecteur-generaal van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit van het Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie, voor de feiten vermeld in hoofdstuk 1 van bijlage II van dit besluit;
f. de algemeen directeur van de Belastingdienst/Douane voor de feiten vermeld in hoofdstuk 1 van bijlage II van dit Besluit;
g. de voorzitter van de Autoriteit Nucleaire Veiligheid en Stralingsbescherming, genoemd in artikel 3, eerste lid, van de Kernenergiewet voor de feiten vermeld in bijlage II van dit Besluit.