BWBR0021771
Geldig vanaf 2007-05-14
Artikel 11
Subsidieregeling Innovatieve Zeescheepsbouw
1. Een subsidie wordt verleend onder de opschortende voorwaarde dat de subsidieontvanger uiterlijk dertien weken na de subsidieverlening heeft aangetoond:
a. dat de opdrachtgever en de subsidieontvanger het in artikel 14, derde lid, onderdeel a, bedoelde schriftelijk contract, bindend en volledig zijn aangegaan door ondertekening en
b. dat de opdrachtgever terzake van de bouw of verbouw van een zeeschip waarbij technologische nieuwe of aanmerkelijk verbeterde producten en processen worden gebruikt als bedoeld in artikel 3, eerste lid, een of meer betalingen heeft gedaan.
c. een verklaring van de scheepswerf dat het contract, bedoeld in onderdeel a, de volledige weergave vormt van de tussen de scheepswerf en opdrachtgever gemaakte afspraken.
2. Binnen zes weken na ontvangst van de stukken, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a en b, deelt de minister aan de subsidieontvanger mee dat aan de voorwaarde is voldaan.
3. De Minister kan op voorafgaand schriftelijk en gemotiveerd verzoek van de subsidieontvanger de termijn genoemd in het eerste lid met maximaal dertien weken verlengen.
a. dat de opdrachtgever en de subsidieontvanger het in artikel 14, derde lid, onderdeel a, bedoelde schriftelijk contract, bindend en volledig zijn aangegaan door ondertekening en
b. dat de opdrachtgever terzake van de bouw of verbouw van een zeeschip waarbij technologische nieuwe of aanmerkelijk verbeterde producten en processen worden gebruikt als bedoeld in artikel 3, eerste lid, een of meer betalingen heeft gedaan.
c. een verklaring van de scheepswerf dat het contract, bedoeld in onderdeel a, de volledige weergave vormt van de tussen de scheepswerf en opdrachtgever gemaakte afspraken.
2. Binnen zes weken na ontvangst van de stukken, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a en b, deelt de minister aan de subsidieontvanger mee dat aan de voorwaarde is voldaan.
3. De Minister kan op voorafgaand schriftelijk en gemotiveerd verzoek van de subsidieontvanger de termijn genoemd in het eerste lid met maximaal dertien weken verlengen.