BWBR0020674
Geldig vanaf 2017-06-26
Artikel 7.10
Besluit inburgering
1. Bij het geheel of gedeeltelijk intrekken van de rijksbijdrage op grond van artikel 7.9besluit Onze Minister tot:
a. het onmiddellijk terugvorderen van de middelen, of
b. het verrekenen van de middelen met nog te betalen rijksbijdragen.
2. Indien Onze Minister toepassing geeft aan het eerste lid, onderdeel a, betaalt het college de middelen terug binnen drie maanden na de bekendmaking van het daartoe strekkende besluit van Onze Minister.
3. Na het verstrijken van de termijn, bedoeld in het tweede lid, is de gemeente zonder aanmaning of rechterlijke tussenkomst de wettelijke rente verschuldigd.
4. Indien volledige terugvordering naar het oordeel van Onze Minister tot een onbillijkheid van overwegende aard leidt, stelt Onze Minister de terugvordering op een lager bedrag vast.
a. het onmiddellijk terugvorderen van de middelen, of
b. het verrekenen van de middelen met nog te betalen rijksbijdragen.
2. Indien Onze Minister toepassing geeft aan het eerste lid, onderdeel a, betaalt het college de middelen terug binnen drie maanden na de bekendmaking van het daartoe strekkende besluit van Onze Minister.
3. Na het verstrijken van de termijn, bedoeld in het tweede lid, is de gemeente zonder aanmaning of rechterlijke tussenkomst de wettelijke rente verschuldigd.
4. Indien volledige terugvordering naar het oordeel van Onze Minister tot een onbillijkheid van overwegende aard leidt, stelt Onze Minister de terugvordering op een lager bedrag vast.