BWBR0020642
Geldig vanaf 2006-12-13
Artikel 2
Besluit instelling taskforce management overstromingen
De Taskforce heeft tot taak, aanvullend op de generieke capaciteiten die ontwikkeld zijn c.q. worden voor het borgen van nationale veiligheid:
1. Het opstellen van een verbeterprogramma voor de navolgende hoofdthema’s met betrekking tot de voorbereiding op de bestrijding van rampen ten gevolge van overstromingen: a. het doen opstellen van realistische scenario’s;
b. het bevorderen van een overstromingsplan voor iedere regio en een landelijk plan;
c. het bevorderen van oefeningen, daaronder begrepen een nationale oefening in 2008;
d. het doen opstellen van een risicocommunicatiestrategie;
e. het nader invullen van de rol van waterbeheerders in de veiligheidsregio;
f. het doen samenstellen van een landelijk expertiseteam;
g. het doen opstellen van een crisiscommunicatiestrategie;
h. het doen opstellen van een nazorgstrategie.
a. het doen opstellen van realistische scenario’s;
b. het bevorderen van een overstromingsplan voor iedere regio en een landelijk plan;
c. het bevorderen van oefeningen, daaronder begrepen een nationale oefening in 2008;
d. het doen opstellen van een risicocommunicatiestrategie;
e. het nader invullen van de rol van waterbeheerders in de veiligheidsregio;
f. het doen samenstellen van een landelijk expertiseteam;
g. het doen opstellen van een crisiscommunicatiestrategie;
h. het doen opstellen van een nazorgstrategie.
2. Het stimuleren van de adequate uitvoering van het verbeterprogramma door: a. het verwerven van overzicht in bestaande verbeterinitiatieven;
b. het identificeren en waar nodig initiëren van noodzakelijke nieuwe initiatieven en vooral daarbij de uitkomsten van het project nationale veiligheid betrekken;
c. het fungeren als stuurgroep voor verbeterpunten, zoals de nationale oefening in 2008;
d. het aanbrengen van onderlinge samenhang in uiteenlopende initiatieven;
e. het bewaken van voortgang;
f. het bevorderen van bestuurlijk draagvlak bij (regionale) overheden voor de implementatie van verbetermaatregelen;
g. het ondersteunen van (regionale) overheden en andere partijen bij de implementatie van verbetermaatregelen;
h. het geven van een beeld van noodzakelijke verankering en voortzetting van de verbeteringen in de reguliere structuren na beëindiging van de werkzaamheden.
a. het verwerven van overzicht in bestaande verbeterinitiatieven;
b. het identificeren en waar nodig initiëren van noodzakelijke nieuwe initiatieven en vooral daarbij de uitkomsten van het project nationale veiligheid betrekken;
c. het fungeren als stuurgroep voor verbeterpunten, zoals de nationale oefening in 2008;
d. het aanbrengen van onderlinge samenhang in uiteenlopende initiatieven;
e. het bewaken van voortgang;
f. het bevorderen van bestuurlijk draagvlak bij (regionale) overheden voor de implementatie van verbetermaatregelen;
g. het ondersteunen van (regionale) overheden en andere partijen bij de implementatie van verbetermaatregelen;
h. het geven van een beeld van noodzakelijke verankering en voortzetting van de verbeteringen in de reguliere structuren na beëindiging van de werkzaamheden.
3. Een netwerk te vormen van alle betrokkenen in de uitvoering van de rampenbeheersing bij overstromingen.
1. Het opstellen van een verbeterprogramma voor de navolgende hoofdthema’s met betrekking tot de voorbereiding op de bestrijding van rampen ten gevolge van overstromingen: a. het doen opstellen van realistische scenario’s;
b. het bevorderen van een overstromingsplan voor iedere regio en een landelijk plan;
c. het bevorderen van oefeningen, daaronder begrepen een nationale oefening in 2008;
d. het doen opstellen van een risicocommunicatiestrategie;
e. het nader invullen van de rol van waterbeheerders in de veiligheidsregio;
f. het doen samenstellen van een landelijk expertiseteam;
g. het doen opstellen van een crisiscommunicatiestrategie;
h. het doen opstellen van een nazorgstrategie.
a. het doen opstellen van realistische scenario’s;
b. het bevorderen van een overstromingsplan voor iedere regio en een landelijk plan;
c. het bevorderen van oefeningen, daaronder begrepen een nationale oefening in 2008;
d. het doen opstellen van een risicocommunicatiestrategie;
e. het nader invullen van de rol van waterbeheerders in de veiligheidsregio;
f. het doen samenstellen van een landelijk expertiseteam;
g. het doen opstellen van een crisiscommunicatiestrategie;
h. het doen opstellen van een nazorgstrategie.
2. Het stimuleren van de adequate uitvoering van het verbeterprogramma door: a. het verwerven van overzicht in bestaande verbeterinitiatieven;
b. het identificeren en waar nodig initiëren van noodzakelijke nieuwe initiatieven en vooral daarbij de uitkomsten van het project nationale veiligheid betrekken;
c. het fungeren als stuurgroep voor verbeterpunten, zoals de nationale oefening in 2008;
d. het aanbrengen van onderlinge samenhang in uiteenlopende initiatieven;
e. het bewaken van voortgang;
f. het bevorderen van bestuurlijk draagvlak bij (regionale) overheden voor de implementatie van verbetermaatregelen;
g. het ondersteunen van (regionale) overheden en andere partijen bij de implementatie van verbetermaatregelen;
h. het geven van een beeld van noodzakelijke verankering en voortzetting van de verbeteringen in de reguliere structuren na beëindiging van de werkzaamheden.
a. het verwerven van overzicht in bestaande verbeterinitiatieven;
b. het identificeren en waar nodig initiëren van noodzakelijke nieuwe initiatieven en vooral daarbij de uitkomsten van het project nationale veiligheid betrekken;
c. het fungeren als stuurgroep voor verbeterpunten, zoals de nationale oefening in 2008;
d. het aanbrengen van onderlinge samenhang in uiteenlopende initiatieven;
e. het bewaken van voortgang;
f. het bevorderen van bestuurlijk draagvlak bij (regionale) overheden voor de implementatie van verbetermaatregelen;
g. het ondersteunen van (regionale) overheden en andere partijen bij de implementatie van verbetermaatregelen;
h. het geven van een beeld van noodzakelijke verankering en voortzetting van de verbeteringen in de reguliere structuren na beëindiging van de werkzaamheden.
3. Een netwerk te vormen van alle betrokkenen in de uitvoering van de rampenbeheersing bij overstromingen.