BWBR0020508
Geldig vanaf 2007-01-01
Artikel 7
Subsidieregeling innovatieprestatiecontracten
1. De subsidie bedraagt
a. 50% van de subsidiabele kosten van de deelnemer tot een maximum van € 50.000 per deelnemer, alsmede
b. 100% van de kosten die hij verschuldigd is aan de penvoerder, tot een maximum van € 6500.
2. Als subsidiabele kosten worden uitsluitend in aanmerking genomen
a. het aantal uren, na de indiening van de aanvraag gemaakt door direct bij de uitvoering van het innovatieplan betrokken personeel van de deelnemer, voor zover gebaseerd op een controleerbare en sluitende urenverantwoording, vermenigvuldigd met een vast uurtarief van € 40;
b. de specifiek ten behoeve van de uitvoering van het innovatieplan gemaakte overige kosten.
3. Met betrekking tot kosten, die de deelnemer maakt voor de inzet van personeel van een andere deelnemer ten behoeve van gezamenlijke collectieve activiteiten, is het tweede lid, onder a, van toepassing.
4. Het bedrag van de aan een deelnemer verstrekte subsidie wordt verlaagd voor zover dit tezamen met in de drie voorafgaande jaren door een bestuursorgaan aan de deelnemer verstrekte subsidies waarvoor geen goedkeuring van de Europese Commissie was verkregen, meer bedraagt dan € 200.000.
5. Het subsidiepercentage, genoemd in het eerste lid, onderdeel a, wordt verlaagd
a. indien minder dan 60% van de maximaal voor subsidie in aanmerking komende subsidiabele kosten is verschuldigd aan derden, die niet met de deelnemer in een groep verbonden zijn dan wel, voor zover betrekking hebbend op collectieve activiteiten, geen deelnemer zijn met wie die collectieve activiteiten gezamenlijk worden uitgevoerd noch met die deelnemer in een groep verbonden zijn;
b. indien bij de vaststelling van de subsidie blijkt dat het percentage subsidiabele kosten voor collectieve activiteiten minder bedraagt dan 20% van de maximaal voor subsidie in aanmerking komende subsidiabele kosten.
Het subsidiepercentage wordt in de onder a en b bedoelde gevallen met hetzelfde aantal procentpunten verlaagd als het aantal procentpunten dat zich bevindt tussen het bij de vaststelling van de subsidie gebleken percentage en het percentage van 60 onderscheidenlijk 20.
a. 50% van de subsidiabele kosten van de deelnemer tot een maximum van € 50.000 per deelnemer, alsmede
b. 100% van de kosten die hij verschuldigd is aan de penvoerder, tot een maximum van € 6500.
2. Als subsidiabele kosten worden uitsluitend in aanmerking genomen
a. het aantal uren, na de indiening van de aanvraag gemaakt door direct bij de uitvoering van het innovatieplan betrokken personeel van de deelnemer, voor zover gebaseerd op een controleerbare en sluitende urenverantwoording, vermenigvuldigd met een vast uurtarief van € 40;
b. de specifiek ten behoeve van de uitvoering van het innovatieplan gemaakte overige kosten.
3. Met betrekking tot kosten, die de deelnemer maakt voor de inzet van personeel van een andere deelnemer ten behoeve van gezamenlijke collectieve activiteiten, is het tweede lid, onder a, van toepassing.
4. Het bedrag van de aan een deelnemer verstrekte subsidie wordt verlaagd voor zover dit tezamen met in de drie voorafgaande jaren door een bestuursorgaan aan de deelnemer verstrekte subsidies waarvoor geen goedkeuring van de Europese Commissie was verkregen, meer bedraagt dan € 200.000.
5. Het subsidiepercentage, genoemd in het eerste lid, onderdeel a, wordt verlaagd
a. indien minder dan 60% van de maximaal voor subsidie in aanmerking komende subsidiabele kosten is verschuldigd aan derden, die niet met de deelnemer in een groep verbonden zijn dan wel, voor zover betrekking hebbend op collectieve activiteiten, geen deelnemer zijn met wie die collectieve activiteiten gezamenlijk worden uitgevoerd noch met die deelnemer in een groep verbonden zijn;
b. indien bij de vaststelling van de subsidie blijkt dat het percentage subsidiabele kosten voor collectieve activiteiten minder bedraagt dan 20% van de maximaal voor subsidie in aanmerking komende subsidiabele kosten.
Het subsidiepercentage wordt in de onder a en b bedoelde gevallen met hetzelfde aantal procentpunten verlaagd als het aantal procentpunten dat zich bevindt tussen het bij de vaststelling van de subsidie gebleken percentage en het percentage van 60 onderscheidenlijk 20.