BWBR0020488
Geldig vanaf 2006-11-23
Artikel 4
Regeling in mindering brengen uitkeringen
1. Uitkeringen ontvangen in augustus, september en oktober 2006 worden uiterlijk gemeld in november 2006 en worden, samen met overige in november 2006 gemelde ontvangen uitkeringen, in december 2006 verrekend met de maandelijkse uitbetaling van de bekostiging, bedoeld in artikel 137 van de WPOrespectievelijk artikel 131 van de WEC.
2. Het bevoegd gezag ontvangt uiterlijk in februari 2007 een overzicht van de bedragen die op grond van het eerste lid in mindering zijn gebracht.
3. Uiterlijk 1 juli 2007 zendt het bevoegd gezag gelijktijdig met de jaarrekening, bedoeld in de artikelen 171 WPOrespectievelijk 157 WEC, een door de accountant gewaarmerkte opgave van de ontvangen uitkeringen over de periode 1 augustus 2006 tot en met 30 november 2006.
4. Indien het totale bedrag van de opgave, bedoeld in het derde lid, afwijkt van het totaal van de op grond van het eerste lid in mindering gebrachte bedragen, wordt het verschil alsnog verrekend met de bekostiging, bedoeld in artikel 137 van de WPOrespectievelijk 131 van de WEC.
2. Het bevoegd gezag ontvangt uiterlijk in februari 2007 een overzicht van de bedragen die op grond van het eerste lid in mindering zijn gebracht.
3. Uiterlijk 1 juli 2007 zendt het bevoegd gezag gelijktijdig met de jaarrekening, bedoeld in de artikelen 171 WPOrespectievelijk 157 WEC, een door de accountant gewaarmerkte opgave van de ontvangen uitkeringen over de periode 1 augustus 2006 tot en met 30 november 2006.
4. Indien het totale bedrag van de opgave, bedoeld in het derde lid, afwijkt van het totaal van de op grond van het eerste lid in mindering gebrachte bedragen, wordt het verschil alsnog verrekend met de bekostiging, bedoeld in artikel 137 van de WPOrespectievelijk 131 van de WEC.