BWBR0020373
Geldig vanaf 2006-10-14
Artikel 3
Regeling uitkering experiment Stemmen in een Willekeurig Stemlokaal november 2006 en maart 2007
1. Voor de berekening van de uitkering, bedoeld in artikel 2, wordt voor de verkiezing van de leden van de Tweede Kamer uitgegaan van het aantal verwachte kiesgerechtigde inwoners op 22 november 2006, zoals door de deelnemende gemeenten voor 1 november 2006 opgegeven aan de minister.
2. Voor de berekening van de uitkering, bedoeld in artikel 2, wordt voor de verkiezing van de leden van de provinciale staten uitgegaan van het aantal verwachte kiesgerechtigde inwoners op 7 maart 2007, zoals door de deelnemende gemeenten voor 26 januari 2007 opgegeven aan de minister.
3. De gemeenten baseren het aantal verwachte kiesgerechtigde inwoners, bedoeld in het eerste lid, op het aantal kiesgerechtigde inwoners op 22 januari 2003 en de bevolkingscijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek.
4. De gemeenten baseren het aantal verwachte kiesgerechtigde inwoners, bedoeld in het tweede lid, op het aantal kiesgerechtigde inwoners op 11 maart 2003 en de bevolkingscijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek.
5. De minister beoordeelt de opgaven en kan indien daartoe redenen zijn het aantal verwachte kiesgerechtigde inwoners lager vaststellen.
2. Voor de berekening van de uitkering, bedoeld in artikel 2, wordt voor de verkiezing van de leden van de provinciale staten uitgegaan van het aantal verwachte kiesgerechtigde inwoners op 7 maart 2007, zoals door de deelnemende gemeenten voor 26 januari 2007 opgegeven aan de minister.
3. De gemeenten baseren het aantal verwachte kiesgerechtigde inwoners, bedoeld in het eerste lid, op het aantal kiesgerechtigde inwoners op 22 januari 2003 en de bevolkingscijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek.
4. De gemeenten baseren het aantal verwachte kiesgerechtigde inwoners, bedoeld in het tweede lid, op het aantal kiesgerechtigde inwoners op 11 maart 2003 en de bevolkingscijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek.
5. De minister beoordeelt de opgaven en kan indien daartoe redenen zijn het aantal verwachte kiesgerechtigde inwoners lager vaststellen.