BWBR0020345
Geldig vanaf 2007-06-22
Artikel 2
Regeling uitvoeringskwaliteit bodembeheer
1. Als werkzaamheden als bedoeld in artikel 1, onderdeel k, van het besluitworden aangewezen:
a. aanleg van bodembeschermende voorzieningen;
b. afgeven van kwaliteitsverklaringen;
c. analyse van bouwstoffen;
d. analyse voor milieuhygiënisch bodemonderzoek;
e. bewerking van verontreinigde grond of baggerspecie, met uitzondering van een bewerking die uitsluitend bestaat uit het ontwateren van baggerspecie waarvoor op grond van artikel 8.1 van de Wet milieubeheer geen vergunning is vereist;
f. certificering van rechtspersonen;
g. inspectie van vloeistofdichte voorzieningen;
h. milieukundige begeleiding;
i. monsterneming bij partijkeuringen;
j. uitvoering van bodemsaneringen;
k. veldwerk;
l. verwijderen, onklaar maken en installeren ondergrondse tanks;
m. voorzieningen ondergrondse tanks beoordelen en keuren.
2. Het eerste lid is alleen van toepassing voorzover de in dat lid genoemde werkzaamheden worden uitgevoerd:
a. ter verkrijging van een beschikking die op grond van een bij of krachtens een in artikel 14, tweede lid, van het besluit genoemd wettelijk voorschrift wordt gegeven;
b. ter voldoening aan een bij of krachtens artikel 15, tweede lid, van het besluit geldende verplichting, of
c. ter voldoening aan een wettelijk voorschrift voorzover bij of krachtens dat voorschrift is bepaald dat de werkzaamheid wordt uitgevoerd door een persoon of instelling die op grond van het besluit daartoe is erkend.
3. Een erkenning geldt alleen voor de verrichtingen die vallen onder de reikwijdte van de normdocumenten als bedoeld in artikel 4, waarvoor de desbetreffende persoon of instelling is gecertificeerd of geaccrediteerd en die staan vermeld op de erkenning.
4. De erkenning voor de werkzaamheden, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, e, h, j, en l wordt gebaseerd op een certificaat. De erkenning voor de werkzaamheden, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, c, d, f, g en m wordt gebaseerd op een accreditatie. De erkenning voor de werkzaamheid, bedoeld in het eerste lid, onderdeel i en k, kan zowel op een certificaat als een accreditatie worden gebaseerd.
5. Een erkenning voor de werkzaamheid, bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, wordt alleen verleend indien de desbetreffende instelling is geaccrediteerd voor alle verrichtingen van een van de pakketten als bedoeld in de onderdelen genoemd bij categorie 3 in bijlage 1. Indien de aanvraag betrekking heeft op het onderdeel samenstelling grond of het onderdeel samenstelling bouwstoffen dan kan de erkenning alleen worden verleend indien de instelling is geaccrediteerd voor pakket SG1, onderscheidenlijk pakket SB1. In afwijking van de eerste volzin is het, met uitzondering van de verrichtingen die betrekking hebben op uitloogonderzoek, toegestaan één verrichting van een pakket uit te besteden aan een instelling die voor die verrichting beschikt over een erkenning.
6. Een erkenning voor de werkzaamheid, bedoeld in het eerste lid, onderdeel d, wordt alleen verleend indien de desbetreffende instelling is geaccrediteerd voor alle verrichtingen van het onderdeel SIKB-protocol 3010 of SIKB-protocol 3110, zoals vermeld bij categorie 4 in bijlage 1. Het is toegestaan één verrichting van een SIKB-protocol uit te besteden aan een instelling die voor die verrichting beschikt over een erkenning.
7. Voor zover een erkenning voor de werkzaamheid, bedoeld in het eerste lid, onderdeel k, wordt gebaseerd op een accreditatie, wordt deze erkenning alleen verleend indien de desbetreffende instelling is geaccrediteerd voor alle verrichtingen van het onderdeel SIKB-protocol 2001 of SIKB-protocol 2002, zoals vermeld bij categorie 11 in bijlage 1. Het is toegestaan ten hoogste drie verrichtingen (NEN normen) van een SIKB-protocol uit te besteden aan een instelling die voor die verrichting beschikt over een erkenning.
a. aanleg van bodembeschermende voorzieningen;
b. afgeven van kwaliteitsverklaringen;
c. analyse van bouwstoffen;
d. analyse voor milieuhygiënisch bodemonderzoek;
e. bewerking van verontreinigde grond of baggerspecie, met uitzondering van een bewerking die uitsluitend bestaat uit het ontwateren van baggerspecie waarvoor op grond van artikel 8.1 van de Wet milieubeheer geen vergunning is vereist;
f. certificering van rechtspersonen;
g. inspectie van vloeistofdichte voorzieningen;
h. milieukundige begeleiding;
i. monsterneming bij partijkeuringen;
j. uitvoering van bodemsaneringen;
k. veldwerk;
l. verwijderen, onklaar maken en installeren ondergrondse tanks;
m. voorzieningen ondergrondse tanks beoordelen en keuren.
2. Het eerste lid is alleen van toepassing voorzover de in dat lid genoemde werkzaamheden worden uitgevoerd:
a. ter verkrijging van een beschikking die op grond van een bij of krachtens een in artikel 14, tweede lid, van het besluit genoemd wettelijk voorschrift wordt gegeven;
b. ter voldoening aan een bij of krachtens artikel 15, tweede lid, van het besluit geldende verplichting, of
c. ter voldoening aan een wettelijk voorschrift voorzover bij of krachtens dat voorschrift is bepaald dat de werkzaamheid wordt uitgevoerd door een persoon of instelling die op grond van het besluit daartoe is erkend.
3. Een erkenning geldt alleen voor de verrichtingen die vallen onder de reikwijdte van de normdocumenten als bedoeld in artikel 4, waarvoor de desbetreffende persoon of instelling is gecertificeerd of geaccrediteerd en die staan vermeld op de erkenning.
4. De erkenning voor de werkzaamheden, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, e, h, j, en l wordt gebaseerd op een certificaat. De erkenning voor de werkzaamheden, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, c, d, f, g en m wordt gebaseerd op een accreditatie. De erkenning voor de werkzaamheid, bedoeld in het eerste lid, onderdeel i en k, kan zowel op een certificaat als een accreditatie worden gebaseerd.
5. Een erkenning voor de werkzaamheid, bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, wordt alleen verleend indien de desbetreffende instelling is geaccrediteerd voor alle verrichtingen van een van de pakketten als bedoeld in de onderdelen genoemd bij categorie 3 in bijlage 1. Indien de aanvraag betrekking heeft op het onderdeel samenstelling grond of het onderdeel samenstelling bouwstoffen dan kan de erkenning alleen worden verleend indien de instelling is geaccrediteerd voor pakket SG1, onderscheidenlijk pakket SB1. In afwijking van de eerste volzin is het, met uitzondering van de verrichtingen die betrekking hebben op uitloogonderzoek, toegestaan één verrichting van een pakket uit te besteden aan een instelling die voor die verrichting beschikt over een erkenning.
6. Een erkenning voor de werkzaamheid, bedoeld in het eerste lid, onderdeel d, wordt alleen verleend indien de desbetreffende instelling is geaccrediteerd voor alle verrichtingen van het onderdeel SIKB-protocol 3010 of SIKB-protocol 3110, zoals vermeld bij categorie 4 in bijlage 1. Het is toegestaan één verrichting van een SIKB-protocol uit te besteden aan een instelling die voor die verrichting beschikt over een erkenning.
7. Voor zover een erkenning voor de werkzaamheid, bedoeld in het eerste lid, onderdeel k, wordt gebaseerd op een accreditatie, wordt deze erkenning alleen verleend indien de desbetreffende instelling is geaccrediteerd voor alle verrichtingen van het onderdeel SIKB-protocol 2001 of SIKB-protocol 2002, zoals vermeld bij categorie 11 in bijlage 1. Het is toegestaan ten hoogste drie verrichtingen (NEN normen) van een SIKB-protocol uit te besteden aan een instelling die voor die verrichting beschikt over een erkenning.