1. Indien de subsidieontvanger van Onze Minister tevens een boekjaarsubsidie waarop
afdeling 4.2.8 van de Algemene wet bestuursrechtvan toepassing is, ontvangt:
a. zijn de artikelen 13, eerste lid, en 14, eerste lid, onderdeel a, niet van toepassing, en zijn artikel 14, eerste lid, onderdeel b, en tweede lid, van overeenkomstige toepassing;
b. neemt de subsidieontvanger in het financieel verslag over het jaar waarin de subsidie op basis van dit besluit is verleend op in hoeverre die subsidie is besteed ten behoeve van het doel waarvoor zij is verleend, en
c. wordt het financieel verslag, bedoeld in onderdeel b, tevens aangemerkt als aanvraag tot vaststelling van de subsidie als bedoeld in artikel 13.
2. In afwijking van artikel 13, tweede lid, beslist Onze Minister binnen acht weken na de ontvangst van het financieel verslag, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, omtrent de vaststelling van de op grond van dit besluit verleende subsidie.