1. Onverminderd
artikel 11 van het Bekostigingsbesluit cultuuruitingenwordt in de aanvraag aangegeven:
a. waarom de kosten van het archeologische onderzoek waarvoor de specifieke uitkering wordt gevraagd, naar het oordeel van de aanvrager voor hem onevenredig hoog zijn;
b. in hoeverre de initiatiefnemer of de initiatiefnemers van het bodemverstorende project financieel bijdraagt onderscheidenlijk bijdragen aan de kosten van het archeologische onderzoek;
c. welke cultuurhistorische waarde het terrein naar het oordeel van de aanvrager vertegenwoordigt;
d. hoe de planvoorbereiding van het desbetreffende bodemverstorende project heeft plaatsgevonden.
2. Onverminderd
artikel 11 van het Bekostigingsbesluit cultuuruitingengaat een aanvraag om een specifieke uitkering vergezeld van:
a. een door de aanvrager akkoord bevonden definitieve offerte met daarin een overzicht van de totale kosten van het archeologische onderzoek;
b. een door de aanvrager akkoord bevonden programma van eisen met betrekking tot de desbetreffende opgravingen; en, indien beschikbaar,
c. een door de aanvrager akkoord bevonden ontwerp of een door de aanvrager akkoord bevonden bestek voor het doen van de desbetreffende opgravingen.