BWBR0020253
Geldig vanaf 2006-09-07
Artikel 2
Besluit mandaat en machtiging SenterNovem Programma MobiliteitsManagement 2006
1. Aan de algemeen directeur van SenterNovem wordt mandaat verleend om in het kader van het in artikel 1genoemde programma namens de Minister van Verkeer en Waterstaat beslissingen op bezwaar te nemen, voorzover het besluit waartegen het bezwaar zich richt niet door hem in mandaat is genomen.
2. De algemeen directeur van SenterNovem kan van het in het eerste lid aan hem verleende mandaat ondermandaat verlenen aan één of meer onder hem ressorterende functionarissen, voorzover het besluit waartegen het bezwaar zich richt niet door dezelfde functionaris is genomen.
3. Aan de algemeen directeur van SenterNovem wordt tevens een machtiging verleend om ter voorbereiding van de in het eerste lid bedoelde besluiten alle benodigde werkzaamheden te verrichten.
4. Aan de algemeen directeur van SenterNovem wordt tevens machtiging verleend om namens de minister van Verkeer en Waterstaat verweer te voeren in beroepszaken.
5. De algemeen directeur van SenterNovem kan de in het derde en vierde lid verleende machtiging verlenen aan één of meer onder hem ressorterende functionarissen.
2. De algemeen directeur van SenterNovem kan van het in het eerste lid aan hem verleende mandaat ondermandaat verlenen aan één of meer onder hem ressorterende functionarissen, voorzover het besluit waartegen het bezwaar zich richt niet door dezelfde functionaris is genomen.
3. Aan de algemeen directeur van SenterNovem wordt tevens een machtiging verleend om ter voorbereiding van de in het eerste lid bedoelde besluiten alle benodigde werkzaamheden te verrichten.
4. Aan de algemeen directeur van SenterNovem wordt tevens machtiging verleend om namens de minister van Verkeer en Waterstaat verweer te voeren in beroepszaken.
5. De algemeen directeur van SenterNovem kan de in het derde en vierde lid verleende machtiging verlenen aan één of meer onder hem ressorterende functionarissen.