BWBR0020196
Geldig vanaf 2006-08-31
Artikel 4
Regeling overlopende kosten PO
1. In november 2006 vindt afrekening plaats van de aanspraken op bekostiging van het bevoegd gezag in verband met de kosten van:
a. de structurele eindejaarsuitkering, opgebouwd in de periode januari tot en met juli 2006;
b. de eindejaarsuitkering van onderwijsondersteunend personeel, opgebouwd in de periode januari tot en met juli 2006;
c. de vakantie-uitkering opgebouwd tot en met juli 2006; en
d. de nominale uitkering 2006, opgebouwd in de periode januari tot en met juli 2006.
2. De omvang van de afrekening, bedoeld in het eerste lid, wordt normatief vastgesteld op basis van de gegevens in het CASO-systeem, op de sluitingsdatum van de maand oktober 2006, vermenigvuldigd met voor wat betreft de onderdelen bedoeld in het eerste lid onder a tot en met c een factor van 110,5% en voor wat betreft het onderdeel bedoeld in het eerste lid onder d, met een factor van 126,8%..
3. Wijziging van de gegevens in het CASO-systeem na de sluitingsdatum, bedoeld in het tweede lid, hebben geen gevolgen voor de omvang van de afrekening, bedoeld in het eerste lid.
4. Indien na de sluitingsdatum, bedoeld in het tweede lid, algemene salarismaatregelen leiden tot wijziging van de omvang van de aanspraken, bedoeld in het eerste lid, kan de omvang van de afrekening, bedoeld in het eerste lid, opnieuw worden vastgesteld.
a. de structurele eindejaarsuitkering, opgebouwd in de periode januari tot en met juli 2006;
b. de eindejaarsuitkering van onderwijsondersteunend personeel, opgebouwd in de periode januari tot en met juli 2006;
c. de vakantie-uitkering opgebouwd tot en met juli 2006; en
d. de nominale uitkering 2006, opgebouwd in de periode januari tot en met juli 2006.
2. De omvang van de afrekening, bedoeld in het eerste lid, wordt normatief vastgesteld op basis van de gegevens in het CASO-systeem, op de sluitingsdatum van de maand oktober 2006, vermenigvuldigd met voor wat betreft de onderdelen bedoeld in het eerste lid onder a tot en met c een factor van 110,5% en voor wat betreft het onderdeel bedoeld in het eerste lid onder d, met een factor van 126,8%..
3. Wijziging van de gegevens in het CASO-systeem na de sluitingsdatum, bedoeld in het tweede lid, hebben geen gevolgen voor de omvang van de afrekening, bedoeld in het eerste lid.
4. Indien na de sluitingsdatum, bedoeld in het tweede lid, algemene salarismaatregelen leiden tot wijziging van de omvang van de aanspraken, bedoeld in het eerste lid, kan de omvang van de afrekening, bedoeld in het eerste lid, opnieuw worden vastgesteld.