BWBR0019841
Geldig vanaf 2006-06-14
Artikel 1
Organisatie-, mandaat- en volmachtbesluit Inspectie Werk en Inkomen 2006
In deze regeling en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
a. Inspectie: de Inspectie Werk en Inkomen;
b. algemeen directeur: de algemeen directeur van de Inspectie;
c. wet: de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen;
d. CWI: de Centrale organisatie werk en inkomen, genoemd in hoofdstuk 4 van de wet;
e. BKWI: het Bureau Keteninformatisering Werk en Inkomen, een afzonderlijk en herkenbaar organisatieonderdeel van CWI als bedoeld in artikel 6.3, tweede lid, van de Regeling SUWI;
f. IB: het Inlichtingenbureau, genoemd in artikel 63, eerste lid, van de wet;
g. RWI: de Raad voor werk en inkomen, genoemd in hoofdstuk 3 van de wet;
h. SVB: de Sociale verzekeringsbank, genoemd in hoofdstuk 6 van de wet;
i. UWV: het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, genoemd in hoofdstuk 5 van de wet;
j. cki’s: door de minister op grond van wet- en regelgeving op het terrein van arbeidsveiligheid, arbeidsgezondheid en productveiligheid aangewezen certificatie- en keuringsinstellingen die zijn belast met het verstrekken van certificaten, danwel het verrichten van keuringen in het belang van veiligheid en gezondheid in de arbeid;
k. CTB: het College voor de toelating van bestrijdingsmiddelen, genoemd in artikel 1a, eerste lid, van de Bestrijdingsmiddelenwet 1962;
l. DNB: De Nederlandsche Bank N.V., genoemd in artikel 2 van de Fusiewet De Nederlandsche Bank N.V. en de Stichting Pensioen- & Verzekeringskamer;
m. SER: de Sociaal-Economische Raad, genoemd in artikel 1 van de Wet op de bedrijfsorganisatie;
n. WWB: de Wet werk en bijstand;
o. werkdeel WWB: de uitkering, bedoeld in artikel 69, eerste lid, onderdeel a, van de WWB;
p. inkomensdeel WWB: de uitkering, bedoeld in artikel 69, eerste lid, onderdeel b, van de WWB;
q. Bbz: het Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004;
r. IOAW: de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers;
s. IOAZ: de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen;
t. Wk: de Wet kinderopvang;
u. WSW: de Wet sociale werkvoorziening;
v. Wwik: de Wet werk en inkomen kunstenaars.
a. Inspectie: de Inspectie Werk en Inkomen;
b. algemeen directeur: de algemeen directeur van de Inspectie;
c. wet: de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen;
d. CWI: de Centrale organisatie werk en inkomen, genoemd in hoofdstuk 4 van de wet;
e. BKWI: het Bureau Keteninformatisering Werk en Inkomen, een afzonderlijk en herkenbaar organisatieonderdeel van CWI als bedoeld in artikel 6.3, tweede lid, van de Regeling SUWI;
f. IB: het Inlichtingenbureau, genoemd in artikel 63, eerste lid, van de wet;
g. RWI: de Raad voor werk en inkomen, genoemd in hoofdstuk 3 van de wet;
h. SVB: de Sociale verzekeringsbank, genoemd in hoofdstuk 6 van de wet;
i. UWV: het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, genoemd in hoofdstuk 5 van de wet;
j. cki’s: door de minister op grond van wet- en regelgeving op het terrein van arbeidsveiligheid, arbeidsgezondheid en productveiligheid aangewezen certificatie- en keuringsinstellingen die zijn belast met het verstrekken van certificaten, danwel het verrichten van keuringen in het belang van veiligheid en gezondheid in de arbeid;
k. CTB: het College voor de toelating van bestrijdingsmiddelen, genoemd in artikel 1a, eerste lid, van de Bestrijdingsmiddelenwet 1962;
l. DNB: De Nederlandsche Bank N.V., genoemd in artikel 2 van de Fusiewet De Nederlandsche Bank N.V. en de Stichting Pensioen- & Verzekeringskamer;
m. SER: de Sociaal-Economische Raad, genoemd in artikel 1 van de Wet op de bedrijfsorganisatie;
n. WWB: de Wet werk en bijstand;
o. werkdeel WWB: de uitkering, bedoeld in artikel 69, eerste lid, onderdeel a, van de WWB;
p. inkomensdeel WWB: de uitkering, bedoeld in artikel 69, eerste lid, onderdeel b, van de WWB;
q. Bbz: het Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004;
r. IOAW: de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers;
s. IOAZ: de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen;
t. Wk: de Wet kinderopvang;
u. WSW: de Wet sociale werkvoorziening;
v. Wwik: de Wet werk en inkomen kunstenaars.