BWBR0019699
Geldig vanaf 2006-03-31
Artikel 2
Instellingsbesluit Adviescommissie Pôle de Compétitivité
1. Er is een Adviescommissie Pôle de Compétitivité.
2. De commissie heeft tot taak de minister een beoordeling te geven over het innovatieprogramma ‘Pôle de Compétitivité’ op het terrein van nanotechnologie en embedded systemen, waarbij in ieder geval wordt ingegaan op:
a. de strategische betekenis voor de Nederlandse economie op basis van de verwachte duurzame en economische impact;
b. de gerichtheid op innovatieve ontwikkelingen en de hoogte van het risico dat gepaard gaat met de uitvoering;
c. de mate en wijze van ambitie, organisatie en betrokkenheid van grote, middelgrote en kleine bedrijven, kennisinstellingen en overheid;
d. de ambitie in internationaal perspectief en de kansen voor Nederland op een versterking van de internationale kennis- en concurrentiepositie;
e. de noodzaak van betrokkenheid van de overheid voor de realisatie van de ambities.
3. De commissie beoordeelt voorts de kwaliteit en de uitvoerbaarheid van het voorgestelde programma, in samenhang met de geschetste visie, ambitie en de daaraan ten grondslag liggende strategische agenda.
4. Het advies van de commissie gaat vergezeld van een deugdelijke motivering.
2. De commissie heeft tot taak de minister een beoordeling te geven over het innovatieprogramma ‘Pôle de Compétitivité’ op het terrein van nanotechnologie en embedded systemen, waarbij in ieder geval wordt ingegaan op:
a. de strategische betekenis voor de Nederlandse economie op basis van de verwachte duurzame en economische impact;
b. de gerichtheid op innovatieve ontwikkelingen en de hoogte van het risico dat gepaard gaat met de uitvoering;
c. de mate en wijze van ambitie, organisatie en betrokkenheid van grote, middelgrote en kleine bedrijven, kennisinstellingen en overheid;
d. de ambitie in internationaal perspectief en de kansen voor Nederland op een versterking van de internationale kennis- en concurrentiepositie;
e. de noodzaak van betrokkenheid van de overheid voor de realisatie van de ambities.
3. De commissie beoordeelt voorts de kwaliteit en de uitvoerbaarheid van het voorgestelde programma, in samenhang met de geschetste visie, ambitie en de daaraan ten grondslag liggende strategische agenda.
4. Het advies van de commissie gaat vergezeld van een deugdelijke motivering.