BWBR0019657
Geldig vanaf 2006-03-16
Artikel 13
Tijdelijke vrijstellingsregeling vaccinatie hobbypluimvee, biologische legkippen en legkippen met vrije uitloop
1. Indien biologische legkippen en legkippen met vrije uitloop, jonger dan achttien weken, op grond van deze regeling worden gevaccineerd, dienen alle op het bedrijf aanwezige biologische legkippen en legkippen met vrije uitloop, jonger dan achttien weken, met uitzondering van de dieren, bedoeld in het tweede lid en bedoeld in artikel 18, te worden gevaccineerd.
2. Het is verboden het middel, bedoeld in artikel 2, toe te passen op biologische legkippen en legkippen met vrije uitloop die jonger zijn dan zeven weken.
3. Biologische legkippen en legkippen met vrije uitloop die op grond van deze regeling worden gevaccineerd, met uitzondering van de dieren, bedoeld in artikel 18, dienen tweemaal te worden gevaccineerd overeenkomstig de bijsluiter bij het vaccin van de fabrikant, waarbij de tweede vaccinatie uiterlijk 1 augustus 2009 is verricht.
4. De legkippen, bedoeld in het derde lid, worden gevaccineerd op het bedrijf waarvoor de toestemming, bedoeld in artikel 4, is verleend.
5. Bij verklikkerdieren als bedoeld in artikel 18wordt door de dierenarts die de vaccinatie uitvoert of de personen, bedoeld in artikel 4, tweede lid, onder b, een niet verwijderbare pootring aangebracht waarop onuitwisbaar het kenmerk ‘Controle A.I. 2007- 2’ is aangebracht.
2. Het is verboden het middel, bedoeld in artikel 2, toe te passen op biologische legkippen en legkippen met vrije uitloop die jonger zijn dan zeven weken.
3. Biologische legkippen en legkippen met vrije uitloop die op grond van deze regeling worden gevaccineerd, met uitzondering van de dieren, bedoeld in artikel 18, dienen tweemaal te worden gevaccineerd overeenkomstig de bijsluiter bij het vaccin van de fabrikant, waarbij de tweede vaccinatie uiterlijk 1 augustus 2009 is verricht.
4. De legkippen, bedoeld in het derde lid, worden gevaccineerd op het bedrijf waarvoor de toestemming, bedoeld in artikel 4, is verleend.
5. Bij verklikkerdieren als bedoeld in artikel 18wordt door de dierenarts die de vaccinatie uitvoert of de personen, bedoeld in artikel 4, tweede lid, onder b, een niet verwijderbare pootring aangebracht waarop onuitwisbaar het kenmerk ‘Controle A.I. 2007- 2’ is aangebracht.