BWBR0019413
Geldig vanaf 01-01-2007
Artikel 4
Verordening op het examengeld 2007
1. De kandidaat is de volgende examengelden verschuldigd:
a. indien hij de praktijkopleiding heeft aangevangen voor 1 november 2006 voor de toetsing van het halfjaarlijks praktijkverslag, als bedoeld in artikel 10 van het examenbesluit examengeld € 65,–, en voor het eindgesprek, als bedoeld in het examenreglement praktijkopleiding € 250,–;
b. indien hij de praktijkopleiding heeft aangevangen na 1 november 2006 voor de jaarlijkse toetsing van het portfolio, als bedoeld in het reglement op de praktijkopleiding € 115,–, en voor het eindgesprek, als bedoeld in het reglement op de praktijkopleiding € 325,–.
2. Indien de kandidaat het praktijkgedeelte van het examen bij een door het examenbureau erkend stagebureau volgt, is het examengeld, als bedoeld in het eerste lid onder a voor de toetsing van het halfjaarlijks praktijkverslag van € 65,–. niet verschuldigd, dan wel het examengeld, als bedoeld in het eerste lid onder b voor de jaarlijkse toetsing van het porfolio van € 115,– niet verschuldigd.
a. indien hij de praktijkopleiding heeft aangevangen voor 1 november 2006 voor de toetsing van het halfjaarlijks praktijkverslag, als bedoeld in artikel 10 van het examenbesluit examengeld € 65,–, en voor het eindgesprek, als bedoeld in het examenreglement praktijkopleiding € 250,–;
b. indien hij de praktijkopleiding heeft aangevangen na 1 november 2006 voor de jaarlijkse toetsing van het portfolio, als bedoeld in het reglement op de praktijkopleiding € 115,–, en voor het eindgesprek, als bedoeld in het reglement op de praktijkopleiding € 325,–.
2. Indien de kandidaat het praktijkgedeelte van het examen bij een door het examenbureau erkend stagebureau volgt, is het examengeld, als bedoeld in het eerste lid onder a voor de toetsing van het halfjaarlijks praktijkverslag van € 65,–. niet verschuldigd, dan wel het examengeld, als bedoeld in het eerste lid onder b voor de jaarlijkse toetsing van het porfolio van € 115,– niet verschuldigd.
- Citeren als
- Art. 4
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0019413
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl