BWBR0019325
Geldig vanaf 2007-01-01
Artikel 23
Regeling retributies VWA veterinaire en hygiënische aangelegenheden
1. Voor de controles, bedoeld in de artikelen 4, tweede lid, en 5, eerste lid, van verordening (EG) nr. 854/2004, binnen openingstijd verricht door een officiële dierenarts of een officiële assistent, ter zake van het slachten van de in artikel zwijnen, damherten, buffels, rendieren, kangoeroes en overig gekweekt wild, met uitzondering van gekweekte loopvogels en lagomorfen, in een slachthuis dat niet meer behandelt dan 20 GVE per week met een maximum van 1000 GVE per jaar, is de aanbieder een retributie verschuldigd, bestaande uit de volgende bedragen:
a. voor zwijnen, niet zijnde zeugen of beren: € 7,56;
b. voor zwijnen, zijnde zeugen of beren: € 10,11;
c. voor damherten: € 3,25;
d. voor buffels, rendieren, kangoeroes en overig gekweekt wild, met uitzondering van gekweekte loopvogels en lagomorfen: € 14,40.
2. Voor de toepassing van het eerste lid gelden voor de berekening van het aantal GVE, bedoeld in het eerste lid, de omrekeningscoëfficiënten opgenomen in bijlage II.
a. voor zwijnen, niet zijnde zeugen of beren: € 7,56;
b. voor zwijnen, zijnde zeugen of beren: € 10,11;
c. voor damherten: € 3,25;
d. voor buffels, rendieren, kangoeroes en overig gekweekt wild, met uitzondering van gekweekte loopvogels en lagomorfen: € 14,40.
2. Voor de toepassing van het eerste lid gelden voor de berekening van het aantal GVE, bedoeld in het eerste lid, de omrekeningscoëfficiënten opgenomen in bijlage II.