BWBR0019274
Geldig vanaf 2011-06-01
Artikel 4
Regeling vleeskeuring
1. De minister is de bevoegde autoriteit, bedoeld in:
a. verordening (EG) nr. 852/2004, en krachtens de artikelen 4, vierde lid, 5, vijfde lid, 6, derde lid, onderdeel c, en 13, eerste en tweede lid, van die verordening vastgestelde communautaire uitvoeringsmaatregelen;
b. verordening (EG) nr. 853/2004, en krachtens de artikelen 3, tweede lid, 9 en 10, eerste en tweede lid, van die verordening vastgestelde communautaire uitvoeringsmaatregelen;
c. verordening (EG) nr. 854/2004, en krachtens de artikelen 16 en 18, onderdelen 1 tot en met 12, van die verordening vastgestelde communautaire uitvoeringsmaatregelen;
d. verordening (EG) nr. 882/2004, en krachtens die verordening vastgestelde communautaire uitvoeringsmaatregelen;
e. onderdelen 4.3, 8.1 en 9 van bijlage V bij verordening (EG) nr. 999/2001;
f. de artikelen 14, achtste lid, 18, tweede en derde lid, en 19 van verordening (EG) nr. 178/2002.
2. De minister is bevoegd de besluiten te nemen waartoe verordening (EG) nr. 854/2004de officiële dierenarts opdraagt.
3. In afwijking van het eerste lid is ingeval een taak wordt opgedragen die niet bestaat in het nemen van een besluit, de bevoegde autoriteit de Voedsel en Waren Autoriteit.
4. De officiële dierenarts is een dierenarts, verbonden aan de Voedsel en Waren Autoriteit.
5. Het is toegestaan dat personeel van een slachthuis bijstand verleent bij de officiële controles, bedoeld in artikel 5, zesde lid, onderdeel a, van verordening (EG) nr. 854/2004.
a. verordening (EG) nr. 852/2004, en krachtens de artikelen 4, vierde lid, 5, vijfde lid, 6, derde lid, onderdeel c, en 13, eerste en tweede lid, van die verordening vastgestelde communautaire uitvoeringsmaatregelen;
b. verordening (EG) nr. 853/2004, en krachtens de artikelen 3, tweede lid, 9 en 10, eerste en tweede lid, van die verordening vastgestelde communautaire uitvoeringsmaatregelen;
c. verordening (EG) nr. 854/2004, en krachtens de artikelen 16 en 18, onderdelen 1 tot en met 12, van die verordening vastgestelde communautaire uitvoeringsmaatregelen;
d. verordening (EG) nr. 882/2004, en krachtens die verordening vastgestelde communautaire uitvoeringsmaatregelen;
e. onderdelen 4.3, 8.1 en 9 van bijlage V bij verordening (EG) nr. 999/2001;
f. de artikelen 14, achtste lid, 18, tweede en derde lid, en 19 van verordening (EG) nr. 178/2002.
2. De minister is bevoegd de besluiten te nemen waartoe verordening (EG) nr. 854/2004de officiële dierenarts opdraagt.
3. In afwijking van het eerste lid is ingeval een taak wordt opgedragen die niet bestaat in het nemen van een besluit, de bevoegde autoriteit de Voedsel en Waren Autoriteit.
4. De officiële dierenarts is een dierenarts, verbonden aan de Voedsel en Waren Autoriteit.
5. Het is toegestaan dat personeel van een slachthuis bijstand verleent bij de officiële controles, bedoeld in artikel 5, zesde lid, onderdeel a, van verordening (EG) nr. 854/2004.