BWBR0019134
Geldig vanaf 2006-01-01
Artikel 4
Regeling vaststelling subsidieplafond sanering verkeerslawaai 2006 en criteria subsidieverlening
De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer kan van artikel 3, tweede lid, onder a, b en c, afwijken, indien:
a. het gevolg van die afwijking is dat projecten vanuit het oogpunt van doelmatigheid en kostenbeheersing gezamenlijk uitgevoerd worden met andere werken aan de (spoor)weg;
b. dit, gelet op het belang van het voorkomen of beperken van geluidhinder, zal leiden tot onbillijkheid van overwegende aard;
c. toepassing wordt gegeven aan artikel 1a van het Besluit geluidhinder spoorwegen;
d. toepassing wordt gegeven aan artikel 99a van de Wet geluidhinder.
a. het gevolg van die afwijking is dat projecten vanuit het oogpunt van doelmatigheid en kostenbeheersing gezamenlijk uitgevoerd worden met andere werken aan de (spoor)weg;
b. dit, gelet op het belang van het voorkomen of beperken van geluidhinder, zal leiden tot onbillijkheid van overwegende aard;
c. toepassing wordt gegeven aan artikel 1a van het Besluit geluidhinder spoorwegen;
d. toepassing wordt gegeven aan artikel 99a van de Wet geluidhinder.