BWBR0018977
Geldig vanaf 2009-12-11
Artikel 5
Besluit buitengewoon opsporingsambtenaren Rijkswaterstaat 2005
De Directeur-Generaal Rijkswaterstaat brengt jaarlijks, vóór 1 april, over het voorafgaande jaar, aan de Minister van Justitie verslag uit over:
a. het aantal buitengewoon opsporingsambtenaren werkzaam bij het Directoraat-Generaal Rijkswaterstaat op 31 december van het voorafgaande jaar;
b. de door die buitengewoon opsporingsambtenaren verrichte opsporingsactiviteiten;
c. de stand van zaken met betrekking tot de opleiding van die buitengewoon opsporingsambtenaren, waarbij in ieder geval wordt aangegeven hoeveel personen in het verslagjaar zijn aangemeld voor het door de Minister goedgekeurde examen en hoeveel personen in dat jaar daarvoor zijn geslaagd;
d. het aantal klachten dat tegen de buitengewoon opsporingsambtenaren is ingediend en de aard van die klachten.
a. het aantal buitengewoon opsporingsambtenaren werkzaam bij het Directoraat-Generaal Rijkswaterstaat op 31 december van het voorafgaande jaar;
b. de door die buitengewoon opsporingsambtenaren verrichte opsporingsactiviteiten;
c. de stand van zaken met betrekking tot de opleiding van die buitengewoon opsporingsambtenaren, waarbij in ieder geval wordt aangegeven hoeveel personen in het verslagjaar zijn aangemeld voor het door de Minister goedgekeurde examen en hoeveel personen in dat jaar daarvoor zijn geslaagd;
d. het aantal klachten dat tegen de buitengewoon opsporingsambtenaren is ingediend en de aard van die klachten.