BWBR0018935
Geldig vanaf 2005-11-05
Artikel 3
Sanctieregeling Sudan 2005
1. Het is verboden om paramilitaire uitrusting en wapens, munitie, militaire voertuigen, militaire uitrusting en goederen, alsmede militaire technologie, aangewezen in de Uitvoeringsregeling strategische goederen 2012, dan wel onderdelen daarvan, te verkopen, te leveren, over te dragen of uit te voeren aan personen, entiteiten of lichamen in Sudan, of voor gebruik in Sudan, ongeacht het land van oorsprong.
2. Het eerste lid is niet van toepassing met vooraf verleende ontheffing van de Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie op de verkoop, levering, overdracht of uitvoer van:
a. niet-letale militaire uitrusting uitsluitend bestemd voor humanitair gebruik of beschermingsdoeleinden, of voor programma’s voor institutionele versterking van de Verenigde Naties, de Afrikaanse Unie, de Europese Unie of de Gemeenschap;
b. materieel bedoeld voor crisisbeheersingsoperaties van de Verenigde Naties, de Afrikaanse Unie of de Europese Unie;
c. andere voertuigen dan gevechtsvoertuigen die gemaakt zijn van, of uitgerust zijn met, materiaal dat bescherming biedt tegen kogels en die uitsluitend bestemd zijn voor de bescherming van personeel van de Europese Unie en haar lidstaten in Sudan; en
d. ontmijningsuitrusting en materieel voor gebruik bij ontmijning; en
e. niet-letale militaire uitrusting uitsluitend bestemd ter ondersteuning van de hervorming van de veiligheidssector in Sudan.
3. Het eerste lid is niet van toepassing op de tijdelijke uitvoer van beschermende kleding voor persoonlijk gebruik, met inbegrip van scherfwerende vesten en militaire helmen, door personeel van de Verenigde Naties, de Europese Unie, de Gemeenschap of haar lidstaten, vertegenwoordigers van de media, of medewerkers van humanitaire organisaties en ontwikkelingswerkers en aanverwant personeel.
2. Het eerste lid is niet van toepassing met vooraf verleende ontheffing van de Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie op de verkoop, levering, overdracht of uitvoer van:
a. niet-letale militaire uitrusting uitsluitend bestemd voor humanitair gebruik of beschermingsdoeleinden, of voor programma’s voor institutionele versterking van de Verenigde Naties, de Afrikaanse Unie, de Europese Unie of de Gemeenschap;
b. materieel bedoeld voor crisisbeheersingsoperaties van de Verenigde Naties, de Afrikaanse Unie of de Europese Unie;
c. andere voertuigen dan gevechtsvoertuigen die gemaakt zijn van, of uitgerust zijn met, materiaal dat bescherming biedt tegen kogels en die uitsluitend bestemd zijn voor de bescherming van personeel van de Europese Unie en haar lidstaten in Sudan; en
d. ontmijningsuitrusting en materieel voor gebruik bij ontmijning; en
e. niet-letale militaire uitrusting uitsluitend bestemd ter ondersteuning van de hervorming van de veiligheidssector in Sudan.
3. Het eerste lid is niet van toepassing op de tijdelijke uitvoer van beschermende kleding voor persoonlijk gebruik, met inbegrip van scherfwerende vesten en militaire helmen, door personeel van de Verenigde Naties, de Europese Unie, de Gemeenschap of haar lidstaten, vertegenwoordigers van de media, of medewerkers van humanitaire organisaties en ontwikkelingswerkers en aanverwant personeel.