BWBR0018934
Geldig vanaf 2010-09-06
Artikel 1a
Sanctieregeling ICTY 2005
1. De bevoegde autoriteit, bedoeld in artikel 3, eerste lid, en artikel 4, eerste lid, van Verordening (EU) nr. 1763/2004 is, wat betreft de vrijgave of de beschikbaarstelling van bepaalde bevroren tegoeden, bedoeld in voornoemde artikelen, de Minister van Financiën.
2. De bevoegde autoriteit, bedoeld in artikel 3, eerste lid, en artikel 4, eerste lid, van Verordening (EU) nr. 1763/2004 is, wat betreft de vrijgave of de beschikbaarstelling van economische middelen, bedoeld in voornoemde artikelen, de Minister van Economische Zaken.
3. De bevoegde autoriteiten, bedoeld in artikel 7, eerste lid, van Verordening (EU) nr. 1763/2004 zijn, elk voor het gebied waartoe hun competentie zich op grond van dat lid uitstrekt:
– de Minister van Financiën;
– de Minister van Economische Zaken.
2. De bevoegde autoriteit, bedoeld in artikel 3, eerste lid, en artikel 4, eerste lid, van Verordening (EU) nr. 1763/2004 is, wat betreft de vrijgave of de beschikbaarstelling van economische middelen, bedoeld in voornoemde artikelen, de Minister van Economische Zaken.
3. De bevoegde autoriteiten, bedoeld in artikel 7, eerste lid, van Verordening (EU) nr. 1763/2004 zijn, elk voor het gebied waartoe hun competentie zich op grond van dat lid uitstrekt:
– de Minister van Financiën;
– de Minister van Economische Zaken.