BWBR0018907
Geldig vanaf 29-01-2006
Artikel 2
Verordening heffing scholing en vorming ondernemingsraadsleden 2006
1. De Rijksbelastingdienst ontvangt van de Bestuurskamer van de Sociaal-Economische Raad een nominatieve opgave van de naar het oordeel van de Bestuurskamer heffingsplichtige ondernemers. De Rijksbelastingdienst doet zo spoedig mogelijk na het verstrijken van elke maand van het jaar 2006 aan de Sociaal-Economische Raad een opgave van het totaal van de in die maand verzonden heffingsaanslagen, alsmede van het totaal van de in die maand ontvangen heffingsbedragen. Tevens doet de Rijksbelastingdienst opgave van de in die maand wegens oninbaarheid afgeboekte heffingsbedragen.
2. Tegelijk met de in het vorige lid bedoelde maandelijkse opgave draagt de Rijksbelastingdienst het gesaldeerde bedrag aan de Sociaal-Economische Raad af.
3. Na het verstrijken van het jaar 2006 legt de Rijksbelastingdienst aan de Sociaal-Economische Raad een door een accountant als bedoeld in artikel 2:393, eerste lid, van het Burgerlijk Wetboek, gewaarmerkte rekening en verantwoording over. Deze gewaarmerkte rekening en verantwoording bevat ten minste een opgave van de ingevolge deze verordening in dat jaar verzonden heffingen, de ontvangen heffingen, gesplitst naar dat jaar en de vorige jaren, de door de Rijksbelastingdienst gemaakte uitvoeringskosten en de aan de Sociaal-Economische Raad afgedragen heffingsbedragen.
2. Tegelijk met de in het vorige lid bedoelde maandelijkse opgave draagt de Rijksbelastingdienst het gesaldeerde bedrag aan de Sociaal-Economische Raad af.
3. Na het verstrijken van het jaar 2006 legt de Rijksbelastingdienst aan de Sociaal-Economische Raad een door een accountant als bedoeld in artikel 2:393, eerste lid, van het Burgerlijk Wetboek, gewaarmerkte rekening en verantwoording over. Deze gewaarmerkte rekening en verantwoording bevat ten minste een opgave van de ingevolge deze verordening in dat jaar verzonden heffingen, de ontvangen heffingen, gesplitst naar dat jaar en de vorige jaren, de door de Rijksbelastingdienst gemaakte uitvoeringskosten en de aan de Sociaal-Economische Raad afgedragen heffingsbedragen.
- Citeren als
- Art. 2
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0018907
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl