BWBR0018637
Geldig vanaf 2005-08-10
Artikel 8
Mandaatbesluit LNV Plantenziektenkundige Dienst
De directeur, de plaatsvervangend directeur, de adjunct-directeur, het hoofd van de afdeling Fytosanitair Risicomanagement, het hoofd van de afdeling Geïntegreerde Gewasbescherming, het hoofd van de afdeling Buitendienst, de districtsmanagers, de locatiemanagers, de senior medewerkers Buitendienst en de technisch medewerkers Buitendienst van de Plantenziektenkundige Dienst zijn bevoegd om namens de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit besluiten te nemen en te ondertekenen betreffende:
a. het plantenpaspoort, bedoeld in artikel 6 van de Regeling invoer, uitvoer en verkeer van planten;
b. verklaring, bedoeld in artikel 12, tiende lid, van de Regeling invoer, uitvoer en verkeer van planten;
c. het certificaat, bedoeld in artikel 15 van de Regeling invoer, uitvoer en verkeer van planten;
d. de besluiten, bedoeld in artikel 20a, vijfde tot en met zevende lid, en het tiende lid, van de Regeling invoer, uitvoer en verkeer van planten;
e. het besluit, bedoeld in artikel 17a, eerste lid, van het Besluit vrijstelling beschermde dier- en plantensoorten, voorzover betrekking hebbend op de vermelding op een fytosanitair certificaat, bedoeld in artikel 8, zevende lid, van Verordening (EG) nr. 1808/2001 van de Commissie van 30 augustus 2001 houdende uitvoeringsbepalingen van Verordening (EG) nr. 338/97 van de Raad inzake de bescherming van in het wild levende dier- en plantensoorten door controle op het desbetreffende handelsverkeer (Pb EG 2001, nr. L250);
f. het recept, bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel d, van de Regeling administratievoorschriften gewasbeschermingsmiddelen 2001;
g. de vergunning, bedoeld in de artikelen 6, 7 en 8 van het Besluit vakkennis- en vakbekwaamheidseisen bestrijdingsmiddelen;
h. de verlenging van een vergunning, bedoeld in de artikelen 4a en 4b van de Uitvoeringsregeling vakkennis- en vakbekwaamheidseisen bestrijdingsmiddelen;
i. de vergunning, bedoeld in de artikelen 5 en 6 van het Besluit regulering grondontsmettingsmiddelen;
j. de maatregel, bedoeld in artikel 3, vierde lid, van de Landbouwkwaliteitsregeling controle groenten en fruit 1993;
k. het certificaat van industriële bestemming, bedoeld in artikel 3, zesde lid, onderdeel a, van de Landbouwkwaliteitsregeling controle groenten en fruit 1993;
l. de toestemming, bedoeld in artikel 4, derde lid en artikel 5, vijfde lid, van de Landbouwkwaliteitsregeling controle groenten en fruit 1993;
m. het certificaat naar aanleiding van de controle, bedoeld in de artikelen 3, tweede lid en vierde lid, artikel 4, derde lid, en 5, eerste lid en tweede lid, van de Landbouwkwaliteitsregeling controle groenten en fruit 1993;
n. de verklaring dat het gebruik van het middel Plantomycin noodzakelijk wordt geacht, bedoeld in de bijlage bij toelatingsbeschikking nr. 6879 N van de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit van 15 april 1987, voorzover in de voor het middel geldende toelatingsbeschikking naar deze bijlage wordt verwezen.
a. het plantenpaspoort, bedoeld in artikel 6 van de Regeling invoer, uitvoer en verkeer van planten;
b. verklaring, bedoeld in artikel 12, tiende lid, van de Regeling invoer, uitvoer en verkeer van planten;
c. het certificaat, bedoeld in artikel 15 van de Regeling invoer, uitvoer en verkeer van planten;
d. de besluiten, bedoeld in artikel 20a, vijfde tot en met zevende lid, en het tiende lid, van de Regeling invoer, uitvoer en verkeer van planten;
e. het besluit, bedoeld in artikel 17a, eerste lid, van het Besluit vrijstelling beschermde dier- en plantensoorten, voorzover betrekking hebbend op de vermelding op een fytosanitair certificaat, bedoeld in artikel 8, zevende lid, van Verordening (EG) nr. 1808/2001 van de Commissie van 30 augustus 2001 houdende uitvoeringsbepalingen van Verordening (EG) nr. 338/97 van de Raad inzake de bescherming van in het wild levende dier- en plantensoorten door controle op het desbetreffende handelsverkeer (Pb EG 2001, nr. L250);
f. het recept, bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel d, van de Regeling administratievoorschriften gewasbeschermingsmiddelen 2001;
g. de vergunning, bedoeld in de artikelen 6, 7 en 8 van het Besluit vakkennis- en vakbekwaamheidseisen bestrijdingsmiddelen;
h. de verlenging van een vergunning, bedoeld in de artikelen 4a en 4b van de Uitvoeringsregeling vakkennis- en vakbekwaamheidseisen bestrijdingsmiddelen;
i. de vergunning, bedoeld in de artikelen 5 en 6 van het Besluit regulering grondontsmettingsmiddelen;
j. de maatregel, bedoeld in artikel 3, vierde lid, van de Landbouwkwaliteitsregeling controle groenten en fruit 1993;
k. het certificaat van industriële bestemming, bedoeld in artikel 3, zesde lid, onderdeel a, van de Landbouwkwaliteitsregeling controle groenten en fruit 1993;
l. de toestemming, bedoeld in artikel 4, derde lid en artikel 5, vijfde lid, van de Landbouwkwaliteitsregeling controle groenten en fruit 1993;
m. het certificaat naar aanleiding van de controle, bedoeld in de artikelen 3, tweede lid en vierde lid, artikel 4, derde lid, en 5, eerste lid en tweede lid, van de Landbouwkwaliteitsregeling controle groenten en fruit 1993;
n. de verklaring dat het gebruik van het middel Plantomycin noodzakelijk wordt geacht, bedoeld in de bijlage bij toelatingsbeschikking nr. 6879 N van de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit van 15 april 1987, voorzover in de voor het middel geldende toelatingsbeschikking naar deze bijlage wordt verwezen.