BWBR0018442
Geldig vanaf 2005-07-10
Artikel 2
Beleidsregels verontreinigde grond Besluit stortplaatsen en stortverboden afvalstoffen
1. Onder grond in de zin van artikel 2 onder f van het Besluit stortplaatsen en stortverboden afvalstoffenwordt verstaan: vast materiaal dat bestaat uit minerale delen met een maximale korrelgrootte van 2 millimeter en organische stof in een verhouding en met een structuur zoals deze in de bodem van nature worden aangetroffen, alsmede van nature in de bodem voorkomende schelpen en grind met een (korrel)grootte van 2 tot 63 millimeter.
2. Onder grond in de zin van artikel 2 onder f van het Besluit stortplaatsen en stortverboden afvalstoffenwordt mede verstaan grond in de zin van het eerste lid, die voor ten hoogste 50% (gewichtsprocenten) is vermengd met ander materiaal dan grond in de zin van het eerste lid, al dan niet met een korrelgrootte van meer dan 2 millimeter.
3. Onder grond in de zin van artikel 2 onder f van het Besluit stortplaatsen en stortverboden afvalstoffenwordt niet begrepen: baggerspecie, zijnde grond die uit de bodem is vrijgekomen via het oppervlaktewater of de voor dat water bestemde ruimte, daaronder begrepen sediment en het residu van de reiniging van baggerspecie..
2. Onder grond in de zin van artikel 2 onder f van het Besluit stortplaatsen en stortverboden afvalstoffenwordt mede verstaan grond in de zin van het eerste lid, die voor ten hoogste 50% (gewichtsprocenten) is vermengd met ander materiaal dan grond in de zin van het eerste lid, al dan niet met een korrelgrootte van meer dan 2 millimeter.
3. Onder grond in de zin van artikel 2 onder f van het Besluit stortplaatsen en stortverboden afvalstoffenwordt niet begrepen: baggerspecie, zijnde grond die uit de bodem is vrijgekomen via het oppervlaktewater of de voor dat water bestemde ruimte, daaronder begrepen sediment en het residu van de reiniging van baggerspecie..