BWBR0018395
Geldig vanaf 2005-06-16
Artikel 7
Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar BBE-SIE 2005
De korpschef van het KLPD brengt voor 1 februari 2007 over de periode van 1 september 2004 tot 1 januari 2007 aan de toezichthouder, genoemd in artikel 5van dit besluit, en de Minister van Justitie verslag uit over:
a. het aantal buitengewoon opsporingsambtenaren dat van 1 september 2004 tot 1 januari 2007 werkzaam was bij de BBE-SIE;
b. de door die buitengewoon opsporingsambtenaren verrichte activiteiten;
c. de stand van zaken met betrekking tot de opleiding van die buitengewoon opsporingsambtenaren, waarbij in ieder geval wordt aangegeven hoeveel personen zijn aangemeld voor het door de Minister van Justitie goedgekeurde examen en hoeveel personen in dat jaar voor dat examen zijn geslaagd;
d. het aantal buitengewoon opsporingsambtenaren dat beschikt over de bevoegdheden op grond van artikel 8, eerste lid, van de Politiewet 1993, artikel 8, eerste en derde lid, van de Politiewet 1993, het aantal uitgereikte geweldsmiddelen alsmede de stand van zaken met betrekking tot de opleiding inzake het gebruik van politiebevoegdheden en geweldsmiddelen;
e. over de doeltreffendheid van de aanwijzing van de bij de BBE-SIE werkzame buitengewoon opsporingsambtenaren in de periode van 1 september 2004 tot 1 januari 2007.
a. het aantal buitengewoon opsporingsambtenaren dat van 1 september 2004 tot 1 januari 2007 werkzaam was bij de BBE-SIE;
b. de door die buitengewoon opsporingsambtenaren verrichte activiteiten;
c. de stand van zaken met betrekking tot de opleiding van die buitengewoon opsporingsambtenaren, waarbij in ieder geval wordt aangegeven hoeveel personen zijn aangemeld voor het door de Minister van Justitie goedgekeurde examen en hoeveel personen in dat jaar voor dat examen zijn geslaagd;
d. het aantal buitengewoon opsporingsambtenaren dat beschikt over de bevoegdheden op grond van artikel 8, eerste lid, van de Politiewet 1993, artikel 8, eerste en derde lid, van de Politiewet 1993, het aantal uitgereikte geweldsmiddelen alsmede de stand van zaken met betrekking tot de opleiding inzake het gebruik van politiebevoegdheden en geweldsmiddelen;
e. over de doeltreffendheid van de aanwijzing van de bij de BBE-SIE werkzame buitengewoon opsporingsambtenaren in de periode van 1 september 2004 tot 1 januari 2007.