BWBR0018251
Geldig vanaf 15-05-2005
Artikel 8
Regeling stimuleringsbeurzen literaire auteurs 2005-2009
8.1. Nadat is vastgesteld dat de aanvraag aan alle voorwaarden voor inhoudelijke behandeling voldoet, wordt over de literaire kwaliteit van het ingezonden debuut advies ingewonnen bij zowel een Nederlandse als een Vlaamse adviseur en één lid van de gezamenlijke Vlaams-Nederlandse Adviescommissie Stimuleringsbeurzen.
8.2. Vervolgens worden de aanvraagformulieren, de uitgebrachte adviezen over de debuten en overige relevante informatie voor advies voorgelegd aan de gezamenlijke Vlaams-Nederlandse Adviescommissie Stimuleringsbeurzen.
8.3. De Adviescommissie Stimuleringsbeurzen bestaat uit drie leden van de adviesraad van het FvdL en drie leden van de adviescommissies van het VFL. De adviescommissie representeert de genregroepen: proza; poëzie, essay, theater; kinder- en jeugdliteratuur.
8.4. De Adviescommissie Stimuleringsbeurzen beoordeelt of de ingediende aanvraag tot een voldoende positieve verwachting leidt over het resultaat van het te realiseren literaire werk. Daarbij toetst zij de aanvraag aan:
a. de literaire kwaliteit van het debuut;
b. de kwaliteit van het werkplan;
c. andere criteria die van belang zijn voor het nemen van een zorgvuldige beslissing.
8.5. Na onderlinge vergelijking van de aanvragen brengt de Adviescommissie Stimuleringsbeurzen binnen het door de besturen vastgestelde budget per aanvraag een eindadvies uit aan het bestuur van het FvdL en het beslissingscollege van het VFL.
8.2. Vervolgens worden de aanvraagformulieren, de uitgebrachte adviezen over de debuten en overige relevante informatie voor advies voorgelegd aan de gezamenlijke Vlaams-Nederlandse Adviescommissie Stimuleringsbeurzen.
8.3. De Adviescommissie Stimuleringsbeurzen bestaat uit drie leden van de adviesraad van het FvdL en drie leden van de adviescommissies van het VFL. De adviescommissie representeert de genregroepen: proza; poëzie, essay, theater; kinder- en jeugdliteratuur.
8.4. De Adviescommissie Stimuleringsbeurzen beoordeelt of de ingediende aanvraag tot een voldoende positieve verwachting leidt over het resultaat van het te realiseren literaire werk. Daarbij toetst zij de aanvraag aan:
a. de literaire kwaliteit van het debuut;
b. de kwaliteit van het werkplan;
c. andere criteria die van belang zijn voor het nemen van een zorgvuldige beslissing.
8.5. Na onderlinge vergelijking van de aanvragen brengt de Adviescommissie Stimuleringsbeurzen binnen het door de besturen vastgestelde budget per aanvraag een eindadvies uit aan het bestuur van het FvdL en het beslissingscollege van het VFL.
- Citeren als
- Art. 8
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0018251
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl