BWBR0018115
Geldig vanaf 2006-08-18
Artikel 1:6
Wet rol werknemers bij Europese rechtspersonen
1. Wanneer een SE een communautaire onderneming is of een moederonderneming in een communautaire groep in de zin van de <a href="/wet/BWBR0008508" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet op de Europese ondernemingsraden</a>, is die wet niet van toepassing op die onderneming en haar dochterondernemingen, tenzij de bijzondere onderhandelingsgroep het besluit, bedoeld in artikel 1:13, eerste lid, onderdeel b, heeft genomen.
2. Bij de benoeming van leden van het toezichthoudend orgaan of het bestuursorgaan van de SE heeft de ondernemingsraad niet de rechten en bevoegdheden die hem zijn toegekend in <a href="/wet/BWBR0003045/artikel/158" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 158, derde, vierde, vijfde, zesde, zevende, achtste en twaalfde lid</a>, <a href="/wet/BWBR0003045/artikel/159" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 159, tweede lid</a>, <a href="/wet/BWBR0003045/artikel/161" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 161, tweede lid</a>, <a href="/wet/BWBR0003045/artikel/268" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 268, derde, vierde, vijfde, zesde, zevende, achtste en twaalfde lid</a>, <a href="/wet/BWBR0003045/artikel/269" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 269, tweede lid</a>en <a href="/wet/BWBR0003045/artikel/271" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 271, tweede lid van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek</a>.
3. Dit hoofdstuk doet geen afbreuk aan het bij of krachtens de wet bepaalde over het recht op:
a. informatie, raadpleging en medezeggenschap dat de werknemers van de SE en van haar dochterondernemingen en vestigingen genieten, anders dan medezeggenschap bij de benoeming van commissarissen of bestuurders in het toezichthoudend of het bestuursorgaan van de SE;
b. medezeggenschap bij de benoeming van commissarissen of bestuurders in dochterondernemingen van de SE.
2. Bij de benoeming van leden van het toezichthoudend orgaan of het bestuursorgaan van de SE heeft de ondernemingsraad niet de rechten en bevoegdheden die hem zijn toegekend in <a href="/wet/BWBR0003045/artikel/158" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 158, derde, vierde, vijfde, zesde, zevende, achtste en twaalfde lid</a>, <a href="/wet/BWBR0003045/artikel/159" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 159, tweede lid</a>, <a href="/wet/BWBR0003045/artikel/161" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 161, tweede lid</a>, <a href="/wet/BWBR0003045/artikel/268" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 268, derde, vierde, vijfde, zesde, zevende, achtste en twaalfde lid</a>, <a href="/wet/BWBR0003045/artikel/269" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 269, tweede lid</a>en <a href="/wet/BWBR0003045/artikel/271" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 271, tweede lid van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek</a>.
3. Dit hoofdstuk doet geen afbreuk aan het bij of krachtens de wet bepaalde over het recht op:
a. informatie, raadpleging en medezeggenschap dat de werknemers van de SE en van haar dochterondernemingen en vestigingen genieten, anders dan medezeggenschap bij de benoeming van commissarissen of bestuurders in het toezichthoudend of het bestuursorgaan van de SE;
b. medezeggenschap bij de benoeming van commissarissen of bestuurders in dochterondernemingen van de SE.