BWBR0018077
Geldig vanaf 2014-11-21
Artikel 3
Regeling CROS
1. In de commissie worden, naast de onafhankelijke voorzitter, de volgende aantallen leden benoemd:
a. voor iedere provincie, genoemd in artikel 8.34, tweede lid, onderdeel a, van de wet, één vertegenwoordiger,
b. voor ieder cluster van gemeenten, bedoeld in artikel 4, eerste lid, één vertegenwoordiger namens die gemeenten, die tevens bestuurder is van een van de gemeenten uit het desbetreffende cluster;
c. voor ieder cluster van bewonersorganisaties, bedoeld in artikel 4, derde lid, twee vertegenwoordigers namens de inwoners van die gemeenten die door bewonersorganisaties zijn gekozen als vertegenwoordiger en die niet tevens zijn: 1̀°. bestuurder van die gemeenten of van de provincies Noord-Holland, Zuid-Holland, Utrecht en Flevoland,
2°. lid van de gemeenteraad van die gemeenten of van provinciale staten van die provincies,
3°. medewerker betrokken bij kwesties aangaande Schiphol van die gemeenten of provincies, of
4°. medewerker van een organisatie als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder d, e of f,
1̀°. bestuurder van die gemeenten of van de provincies Noord-Holland, Zuid-Holland, Utrecht en Flevoland,
2°. lid van de gemeenteraad van die gemeenten of van provinciale staten van die provincies,
3°. medewerker betrokken bij kwesties aangaande Schiphol van die gemeenten of provincies, of
4°. medewerker van een organisatie als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder d, e of f,
d. voor de exploitant van de luchthaven, bedoeld in artikel 8.34, tweede lid, onderdeel c, van de wet, ten minste één en ten hoogste twee vertegenwoordigers,
e. voor de verlener van luchtverkeersdienstverlening, bedoeld in artikel 8.34, tweede lid, onderdeel d, van de wet, ten minste één en ten hoogste twee vertegenwoordigers, en
f. voor de luchtvaartmaatschappijen, genoemd en bedoeld in artikel 5, ten hoogste drie vertegenwoordigers.
2. Bij beëindiging of verlies van de hoedanigheid op grond waarvan de benoeming heeft plaatsgevonden, wordt ontslag verleend.
a. voor iedere provincie, genoemd in artikel 8.34, tweede lid, onderdeel a, van de wet, één vertegenwoordiger,
b. voor ieder cluster van gemeenten, bedoeld in artikel 4, eerste lid, één vertegenwoordiger namens die gemeenten, die tevens bestuurder is van een van de gemeenten uit het desbetreffende cluster;
c. voor ieder cluster van bewonersorganisaties, bedoeld in artikel 4, derde lid, twee vertegenwoordigers namens de inwoners van die gemeenten die door bewonersorganisaties zijn gekozen als vertegenwoordiger en die niet tevens zijn: 1̀°. bestuurder van die gemeenten of van de provincies Noord-Holland, Zuid-Holland, Utrecht en Flevoland,
2°. lid van de gemeenteraad van die gemeenten of van provinciale staten van die provincies,
3°. medewerker betrokken bij kwesties aangaande Schiphol van die gemeenten of provincies, of
4°. medewerker van een organisatie als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder d, e of f,
1̀°. bestuurder van die gemeenten of van de provincies Noord-Holland, Zuid-Holland, Utrecht en Flevoland,
2°. lid van de gemeenteraad van die gemeenten of van provinciale staten van die provincies,
3°. medewerker betrokken bij kwesties aangaande Schiphol van die gemeenten of provincies, of
4°. medewerker van een organisatie als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder d, e of f,
d. voor de exploitant van de luchthaven, bedoeld in artikel 8.34, tweede lid, onderdeel c, van de wet, ten minste één en ten hoogste twee vertegenwoordigers,
e. voor de verlener van luchtverkeersdienstverlening, bedoeld in artikel 8.34, tweede lid, onderdeel d, van de wet, ten minste één en ten hoogste twee vertegenwoordigers, en
f. voor de luchtvaartmaatschappijen, genoemd en bedoeld in artikel 5, ten hoogste drie vertegenwoordigers.
2. Bij beëindiging of verlies van de hoedanigheid op grond waarvan de benoeming heeft plaatsgevonden, wordt ontslag verleend.