BWBR0017885
Geldig vanaf 2005-01-19
Artikel 5
Instellingsbesluit adviescommissie ‘Zuidelijke Dansvoorziening’
1. De commissie stelt haar eigen werkwijze vast.
2. De commissie kan zich door andere personen doen bijstaan voorzover dat voor de vervulling van haar taak nodig is, waaronder – op persoonlijke titel – ambtelijke deskundigen.
3. De commissie brengt vóór 25 december 2004 haar advies over de structuur, het profiel en de vestigingsplaats van de dansvoorziening uit aan de minister en Gedeputeerde Staten van de provincies Limburg, Noord-Brabant en Zeeland.
4. De commissie brengt voor 1 februari 2005 haar advies over de invulling van de (artistieke) leiding van de dansvoorziening uit aan de minister en Gedeputeerde Staten van de provincies Limburg, Noord-Brabant en Zeeland.
5. Na aanbieding van haar rapport over de invulling van de (artistieke) leiding van de dansvoorziening is de commissie opgeheven.
2. De commissie kan zich door andere personen doen bijstaan voorzover dat voor de vervulling van haar taak nodig is, waaronder – op persoonlijke titel – ambtelijke deskundigen.
3. De commissie brengt vóór 25 december 2004 haar advies over de structuur, het profiel en de vestigingsplaats van de dansvoorziening uit aan de minister en Gedeputeerde Staten van de provincies Limburg, Noord-Brabant en Zeeland.
4. De commissie brengt voor 1 februari 2005 haar advies over de invulling van de (artistieke) leiding van de dansvoorziening uit aan de minister en Gedeputeerde Staten van de provincies Limburg, Noord-Brabant en Zeeland.
5. Na aanbieding van haar rapport over de invulling van de (artistieke) leiding van de dansvoorziening is de commissie opgeheven.