BWBR0017862
Geldig vanaf 30-01-2005
Artikel 4
Beleidsregel betrouwbaarheidstoetsing
In het geval dat de toezichthouder heeft geconcludeerd dat de betrouwbaarheid niet (meer) buiten twijfel staat en uit de toezichtswet zelf geen directe consequenties voortvloeien, kan de toezichthouder gebruik maken van de hem ingevolge de toezichtswet toekomende bevoegdheden (bijvoorbeeld het geven van een aanwijzing, het niet verlenen c.q. intrekken van een vergunning of het weigeren, wijzigen of intrekken van een verklaring van geen bezwaar).
- Citeren als
- Art. 4
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0017862
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl