BWBR0017832
Geldig vanaf 2012-10-12
Artikel 2
Keuringsreglement voor de zeevaart 2012
1. Voorafgaand aan de keuring controleert de keuringsarts:
a. het monsterboekje of het in artikel 38, eerste lid, van de wet bedoelde document van de keurling, of
b. ingeval de keurling nog niet in het bezit is van een monsterboekje of een document als bedoeld in onderdeel a, de verklaring door of namens de scheepsbeheerder dat de keurling in dienst is of komt, vergezeld van een geldig identiteitsbewijs, of
c. het bewijs van aanmelding van de keurling bij een erkende opleiding voor zeevarenden, vergezeld van een geldig identiteitsbewijs.
2. De keuringsarts controleert verder:
a. de keuringsstatus van de keurling, teneinde na te gaan of de keurling reeds door een andere keuringsarts is afgekeurd;
b. in geval de keurling afkomstig is uit of woont in een door de Wereldgezondheidsorganisatie aangewezen risicogebied, de uitslag van een onderzoek op tuberculose dat niet langer dan één maand voorafgaand aan de keuring heeft plaatsgevonden;
c. indien van toepassing, een geldige ontheffing, afgegeven door de Medisch Adviseur Scheepvaart als bedoeld in Hoofdstuk 6 van het Besluit zeevarenden.
a. het monsterboekje of het in artikel 38, eerste lid, van de wet bedoelde document van de keurling, of
b. ingeval de keurling nog niet in het bezit is van een monsterboekje of een document als bedoeld in onderdeel a, de verklaring door of namens de scheepsbeheerder dat de keurling in dienst is of komt, vergezeld van een geldig identiteitsbewijs, of
c. het bewijs van aanmelding van de keurling bij een erkende opleiding voor zeevarenden, vergezeld van een geldig identiteitsbewijs.
2. De keuringsarts controleert verder:
a. de keuringsstatus van de keurling, teneinde na te gaan of de keurling reeds door een andere keuringsarts is afgekeurd;
b. in geval de keurling afkomstig is uit of woont in een door de Wereldgezondheidsorganisatie aangewezen risicogebied, de uitslag van een onderzoek op tuberculose dat niet langer dan één maand voorafgaand aan de keuring heeft plaatsgevonden;
c. indien van toepassing, een geldige ontheffing, afgegeven door de Medisch Adviseur Scheepvaart als bedoeld in Hoofdstuk 6 van het Besluit zeevarenden.