BWBR0017815
Geldig vanaf 2005-01-01
Artikel 6
Regeling bekostiging jeugdzorg
1. Provinciale staten verplichten de stichting en de zorgaanbieders de jaarlijkse verantwoording te voorzien van een verklaring van een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek. De verklaring is opgesteld overeenkomstig het model opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 4en gaat vergezeld van een rapportage omtrent de naleving van de wettelijke voorschriften.
2. Provinciale staten verplichten de stichting en de zorgaanbieders de accountantscontrole te laten uitvoeren met inachtneming van tenminste het protocol opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 4.
3. Provinciale staten verplichten de zorgaanbieders er voor zorg te dragen dat:
a. de cliëntenadministratie op overzichtelijke en doelmatige wijze wordt gevoerd;
b. de cliëntenadministratie een juist, volledig en actueel beeld geeft van de verleende zorg, waarbij een relatie wordt gelegd met de zorg waarop een cliënt aanspraak heeft;
c. van de aanspraken en van de verleende zorg deugdelijke bewijsstukken aanwezig zijn, waaruit de aard en de omvang van de aanspraken en de verleende zorg duidelijk blijken.
4. Het eerste lid is niet van toepassing, indien de voor het boekjaar begrote exploitatielasten van de stichting of de zorgaanbieder € 250.000 of minder bedragen.
2. Provinciale staten verplichten de stichting en de zorgaanbieders de accountantscontrole te laten uitvoeren met inachtneming van tenminste het protocol opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 4.
3. Provinciale staten verplichten de zorgaanbieders er voor zorg te dragen dat:
a. de cliëntenadministratie op overzichtelijke en doelmatige wijze wordt gevoerd;
b. de cliëntenadministratie een juist, volledig en actueel beeld geeft van de verleende zorg, waarbij een relatie wordt gelegd met de zorg waarop een cliënt aanspraak heeft;
c. van de aanspraken en van de verleende zorg deugdelijke bewijsstukken aanwezig zijn, waaruit de aard en de omvang van de aanspraken en de verleende zorg duidelijk blijken.
4. Het eerste lid is niet van toepassing, indien de voor het boekjaar begrote exploitatielasten van de stichting of de zorgaanbieder € 250.000 of minder bedragen.