BWBR0017237
Geldig vanaf 2021-04-20
Artikel 4
Examenreglement voor luchtvarenden 2004
1. De kandidaat wordt slechts toegelaten tot het examen indien hij:
a. het verschuldigde examengeld heeft betaald;
b. voor aanvang van het examen op de examenlocatie een wettig en geldig legitimatiebewijs toont, en
c. in het bezit is van een geldig toelatingsbewijs als bedoeld in de artikelen 3, tweede lid, 3a, tweede lid, dan wel 3b, tweede lid.
2. Aanvullende eisen voor toelating tot het theorie-examen worden vastgesteld en bekendgemaakt door het CBR, de stichting, of de houder van het examinatorcertificaat RFE(GC).
a. het verschuldigde examengeld heeft betaald;
b. voor aanvang van het examen op de examenlocatie een wettig en geldig legitimatiebewijs toont, en
c. in het bezit is van een geldig toelatingsbewijs als bedoeld in de artikelen 3, tweede lid, 3a, tweede lid, dan wel 3b, tweede lid.
2. Aanvullende eisen voor toelating tot het theorie-examen worden vastgesteld en bekendgemaakt door het CBR, de stichting, of de houder van het examinatorcertificaat RFE(GC).