BWBR0017085
Geldig vanaf 2004-08-20
Artikel 2
Besluit regels toelage op het salaris voor de voorzitter van het College van procureurs-generaal
Voor de toepasselijkheid van het bij en krachtens de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenarenbepaalde, uitgezonderd de artikelen 7, 13 tot en met 15en 17, eerste en zesde lid, van de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenarenen de artikelen 5, 6en 8e van het Besluit rechtspositie rechterlijke ambtenaren, wordt ten aanzien van de procureur-generaal, die tot voorzitter van het College van procureurs-generaal is benoemd, onder «salaris» en «bezoldiging» mede verstaan de toelage die hij als voorzitter van het College van procureurs-generaal geniet, met dien verstande dat in artikel 1, tweede lid, van het Besluit bovenwettelijke uitkeringen bij werkloosheid van rechterlijke ambtenarenin plaats van «op grond van artikel 6, 8dof 8e» wordt gelezen: op grond van artikel 8d.