BWBR0017020
Geldig vanaf 2006-02-17
Artikel 3
Tijdelijke stimuleringsregeling advies- en steunpunten huiselijk geweld
1. Een advies- en steunpunt voldoet na oprichting of uitbreiding aan de volgende voorwaarden:
a. het staat open voor iedere persoon die in aanraking komt met huiselijk geweld;
b. het is gericht op de gehele bij de centrumgemeente behorende regio;
c. het heeft op schrift vastgelegde samenwerkings- en doorverwijsafspraken met relevante organisaties en instellingen, met dien verstande dat in geval van kindermishandeling, als bedoeld in artikel 1, onderdeel m, van de Wet op de jeugdzorg, wordt doorverwezen naar het advies- en meldpunt kindermishandeling van het bureau jeugdzorg in de desbetreffende provincie of regio;
d. het voorziet in een registratie van contacten en doorverwijzingen.
2. De oprichting en uitbreiding van de advies- en steunpunten, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdelen a en b, zijn vóór 1 januari 2006 voltooid.
a. het staat open voor iedere persoon die in aanraking komt met huiselijk geweld;
b. het is gericht op de gehele bij de centrumgemeente behorende regio;
c. het heeft op schrift vastgelegde samenwerkings- en doorverwijsafspraken met relevante organisaties en instellingen, met dien verstande dat in geval van kindermishandeling, als bedoeld in artikel 1, onderdeel m, van de Wet op de jeugdzorg, wordt doorverwezen naar het advies- en meldpunt kindermishandeling van het bureau jeugdzorg in de desbetreffende provincie of regio;
d. het voorziet in een registratie van contacten en doorverwijzingen.
2. De oprichting en uitbreiding van de advies- en steunpunten, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdelen a en b, zijn vóór 1 januari 2006 voltooid.