BWBR0016932
Geldig vanaf 2004-07-10
Artikel 2
Instellingsbesluit Commissie milieuhygiëne luchtvaartterrein Drachten
1. In de Commissie hebben zitting:
a. één vertegenwoordiger van de provincie Fryslân;
b. twee vertegenwoordigers van de gemeente Smallingerland, waarvan tenminste één als vertegenwoordiger van in de gemeente woonachtige omwonenden van het luchtvaartterrein kan worden beschouwd;
c. ten hoogste twee vertegenwoordigers van de exploitant van het luchtvaartterrein Drachten;
d. ten hoogste twee vertegenwoordigers van de gebruikers van luchtvaartuigen, welke geregeld op het luchtvaartterrein landen dan wel daarvan opstijgen;
e. ten hoogste twee door de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer aan te wijzen vertegenwoordigers;
f. één vertegenwoordiger van rechtspersoonlijkheid bezittende milieuorganisaties;
g. één vertegenwoordiger van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat.
2. De entiteiten als bedoeld in het eerste lid onder a tot en met g, kiezen elk hun vertegenwoordiger(s) en plaatsvervanger(s) en stellen de Minister van Verkeer en Waterstaat hiervan schriftelijk op de hoogte.
3. De Commissie wijst uit haar midden een voorzitter aan.
a. één vertegenwoordiger van de provincie Fryslân;
b. twee vertegenwoordigers van de gemeente Smallingerland, waarvan tenminste één als vertegenwoordiger van in de gemeente woonachtige omwonenden van het luchtvaartterrein kan worden beschouwd;
c. ten hoogste twee vertegenwoordigers van de exploitant van het luchtvaartterrein Drachten;
d. ten hoogste twee vertegenwoordigers van de gebruikers van luchtvaartuigen, welke geregeld op het luchtvaartterrein landen dan wel daarvan opstijgen;
e. ten hoogste twee door de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer aan te wijzen vertegenwoordigers;
f. één vertegenwoordiger van rechtspersoonlijkheid bezittende milieuorganisaties;
g. één vertegenwoordiger van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat.
2. De entiteiten als bedoeld in het eerste lid onder a tot en met g, kiezen elk hun vertegenwoordiger(s) en plaatsvervanger(s) en stellen de Minister van Verkeer en Waterstaat hiervan schriftelijk op de hoogte.
3. De Commissie wijst uit haar midden een voorzitter aan.