BWBR0016845
Geldig vanaf 2004-08-15
Artikel 2
Beleidsregels aanbesteding van werken 2004
1. Werken waarvan het geraamde bedrag minder bedraagt dan het aantal rekeneenheden, genoemd in artikel 6, eerste lid, van de richtlijn, alsmede werken als bedoeld in artikel 5 van die richtlijn worden opgedragen nadat daartoe een aanbesteding volgens de openbare procedure of de niet-openbare procedure is gehouden.
2. Van het houden van een aanbesteding volgens de openbare procedure of de niet-openbare procedure als bedoeld in het eerste lid kan worden afgezien, indien:
a. zich een van de gevallen als bedoeld in artikel 7, tweede lid, van de richtlijn voordoet;
b. zich een van de gevallen als bedoeld in artikel 7, derde lid, van de richtlijn voordoet;
c. zich een van de gevallen, als bedoeld in artikel 4, onderdeel b, van die richtlijn voordoet;
d. het een werk betreft voor de uitvoering waarvan het geraamde bedrag minder bedraagt dan € 1.500.000,-;
e. goede gronden doen verwachten dat een aanbesteding volgens de openbare procedure of de niet-openbare procedure niet in het financieel belang van de staat zal zijn;
f. aan het werk te stellen bijzondere eisen bij een aanbesteding volgens de openbare procedure of de niet-openbare procedure niet tot hun recht zouden kunnen komen;
g. het werk van zodanige aard is dat toezicht tijdens en keuring na de gereedmaking geen afdoende waarborg van deugdelijkheid verschaffen;
h. een bijzondere aanbieding is ontvangen, waarvan de aanvaarding in het belang van de staat is.
3. Indien ingevolge het tweede lid, onderdeel a, wordt afgezien van het houden van een aanbesteding volgens de openbare procedure of de niet-openbare procedure, wordt het werk opgedragen nadat daartoe een aanbesteding volgens de onderhandelingsprocedure met voorafgaande bekendmaking is gehouden;
4. Indien ingevolge het tweede lid, onderdeel b, wordt afgezien van het houden van een aanbesteding volgens de openbare procedure of de niet-openbare procedure, wordt het werk opgedragen nadat daartoe een aanbesteding volgens de onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking is gehouden;
5. Indien ingevolge het tweede lid, onderdelen c tot en met h, wordt afgezien van het houden van een aanbesteding volgens de openbare procedure of de niet-openbare procedure, wordt het werk opgedragen nadat daartoe een aanbesteding volgens een onderhandse procedure is gehouden.
2. Van het houden van een aanbesteding volgens de openbare procedure of de niet-openbare procedure als bedoeld in het eerste lid kan worden afgezien, indien:
a. zich een van de gevallen als bedoeld in artikel 7, tweede lid, van de richtlijn voordoet;
b. zich een van de gevallen als bedoeld in artikel 7, derde lid, van de richtlijn voordoet;
c. zich een van de gevallen, als bedoeld in artikel 4, onderdeel b, van die richtlijn voordoet;
d. het een werk betreft voor de uitvoering waarvan het geraamde bedrag minder bedraagt dan € 1.500.000,-;
e. goede gronden doen verwachten dat een aanbesteding volgens de openbare procedure of de niet-openbare procedure niet in het financieel belang van de staat zal zijn;
f. aan het werk te stellen bijzondere eisen bij een aanbesteding volgens de openbare procedure of de niet-openbare procedure niet tot hun recht zouden kunnen komen;
g. het werk van zodanige aard is dat toezicht tijdens en keuring na de gereedmaking geen afdoende waarborg van deugdelijkheid verschaffen;
h. een bijzondere aanbieding is ontvangen, waarvan de aanvaarding in het belang van de staat is.
3. Indien ingevolge het tweede lid, onderdeel a, wordt afgezien van het houden van een aanbesteding volgens de openbare procedure of de niet-openbare procedure, wordt het werk opgedragen nadat daartoe een aanbesteding volgens de onderhandelingsprocedure met voorafgaande bekendmaking is gehouden;
4. Indien ingevolge het tweede lid, onderdeel b, wordt afgezien van het houden van een aanbesteding volgens de openbare procedure of de niet-openbare procedure, wordt het werk opgedragen nadat daartoe een aanbesteding volgens de onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking is gehouden;
5. Indien ingevolge het tweede lid, onderdelen c tot en met h, wordt afgezien van het houden van een aanbesteding volgens de openbare procedure of de niet-openbare procedure, wordt het werk opgedragen nadat daartoe een aanbesteding volgens een onderhandse procedure is gehouden.