BWBR0016710
Geldig vanaf 2004-05-20
Artikel 2
Regeling vrijstelling oliepijpdoorboringsapparaten
Aan de in artikel 1bedoelde vrijstelling worden de navolgende voorschriften verbonden:
a. de oliepijpdoorboringspapparaten worden vervoerd in gesloten containers die getest zijn volgens de normen van de ‘International Convention for Safe Containers (CSC)’ of daaraan gelijkwaardige normen en zijn conform gekenmerkt;
b. de containers bezitten voldoende sterkte om bestand te zijn tegen de dynamische hijs- en stootkrachten die kunnen optreden wanneer de container op open zee in slecht weer en bij ruwe zee wordt behandeld, met verwijzing naar de Guidelines for the approval of offshore containers handled in open seas, afgekondigd door middel van circulaire Maritime Safety Committee/Circulaire (MSC/Circ.) 860 van de Internationale Maritieme Organisatie;
c. de containers zijn inwendig geheel voorzien van een vaste bekleding van hout;
d. de oliepijpdoorboringsapparaten zijn zodanig in de containers vastgezet dat elke beweging gedurende normale transportcondities is uitgesloten;
e. in dezelfde containers bevinden zich geen andere explosieve stoffen of voorwerpen;
f. voor het vervoer van deze containers met niet verpakte oliepijpdoorborings-apparaten zijn door de bevoegde autoriteit verleende toestemmingen (z.g. approvals) afgegeven op grond van de International Maritime Dangerous Goods (IMDG-)code, welke approvals bij het vervoer aanwezig zijn;
g. de totale hoeveelheid ontplofbare stof der voorwerpen bedraagt per container ten hoogste 20 kg netto en per zeeschip 40 kg netto;
h. de overige voorschriften op grond van de IMDG-code zijn volledig nageleefd;
i. elk vervoer, waaronder begrepen laden en lossen, wordt ten minste 4 uren voor de verwachte vertrektijd (Estimated Time of Departure (ETD)) onderscheidenlijk verwachte aankomsttijd (Estimated Time of Arrival (ETA)) gemeld aan het Vervoerinformatiecentrum (tel. 070-3052444; faxnummer 070-3052424) alsmede aan de bevoegde plaatselijke autoriteit.
a. de oliepijpdoorboringspapparaten worden vervoerd in gesloten containers die getest zijn volgens de normen van de ‘International Convention for Safe Containers (CSC)’ of daaraan gelijkwaardige normen en zijn conform gekenmerkt;
b. de containers bezitten voldoende sterkte om bestand te zijn tegen de dynamische hijs- en stootkrachten die kunnen optreden wanneer de container op open zee in slecht weer en bij ruwe zee wordt behandeld, met verwijzing naar de Guidelines for the approval of offshore containers handled in open seas, afgekondigd door middel van circulaire Maritime Safety Committee/Circulaire (MSC/Circ.) 860 van de Internationale Maritieme Organisatie;
c. de containers zijn inwendig geheel voorzien van een vaste bekleding van hout;
d. de oliepijpdoorboringsapparaten zijn zodanig in de containers vastgezet dat elke beweging gedurende normale transportcondities is uitgesloten;
e. in dezelfde containers bevinden zich geen andere explosieve stoffen of voorwerpen;
f. voor het vervoer van deze containers met niet verpakte oliepijpdoorborings-apparaten zijn door de bevoegde autoriteit verleende toestemmingen (z.g. approvals) afgegeven op grond van de International Maritime Dangerous Goods (IMDG-)code, welke approvals bij het vervoer aanwezig zijn;
g. de totale hoeveelheid ontplofbare stof der voorwerpen bedraagt per container ten hoogste 20 kg netto en per zeeschip 40 kg netto;
h. de overige voorschriften op grond van de IMDG-code zijn volledig nageleefd;
i. elk vervoer, waaronder begrepen laden en lossen, wordt ten minste 4 uren voor de verwachte vertrektijd (Estimated Time of Departure (ETD)) onderscheidenlijk verwachte aankomsttijd (Estimated Time of Arrival (ETA)) gemeld aan het Vervoerinformatiecentrum (tel. 070-3052444; faxnummer 070-3052424) alsmede aan de bevoegde plaatselijke autoriteit.