BWBR0016491
Geldig vanaf 2004-04-07
Artikel 5
Instellingsbesluit Productschap Vee en Vlees
1. Het productschap heeft commissies voor aangelegenheden op het gebied van:
a. de varkenshouderij, te weten de Commissie Varkenshouderij;
b. de vleeswaren- en baconindustrie, te weten de Commissie Vleeswarenindustrie;
c. de veehandel, te weten de Commissie Veehandel;
d. de industriële verwerking van vlees, andere delen van vee of daaruit verkregen producten, alsmede met die handel verwante bedrijven, te weten de Commissie Vleesindustrie.
2. De leden van de commissies worden benoemd door door de raad aan te wijzen organisaties van ondernemers en van werknemers. Voor aanwijzing komen slechts in aanmerking naar het oordeel van de raad representatieve organisaties van ondernemers en van werknemers.
3. De organisaties van ondernemers en van werknemers die leden van de commissies benoemen, zijn bevoegd voor elk lid dat zij benoemen tevens een plaatsvervanger aan te wijzen.
4. De voorzitter van het productschap is tevens voorzitter van de commissies.
5. De zittingsperiode van de leden van de commissies valt samen met die van de leden van het bestuur van het productschap.
6. De commissies dienen elk voor haar werkgebied het bestuur van advies, voeren de door het bestuur aan hen gedelegeerde taken uit en kunnen elk voor haar werkgebied voorstellen doen voor door het bestuur vast te stellen verordeningen.
a. de varkenshouderij, te weten de Commissie Varkenshouderij;
b. de vleeswaren- en baconindustrie, te weten de Commissie Vleeswarenindustrie;
c. de veehandel, te weten de Commissie Veehandel;
d. de industriële verwerking van vlees, andere delen van vee of daaruit verkregen producten, alsmede met die handel verwante bedrijven, te weten de Commissie Vleesindustrie.
2. De leden van de commissies worden benoemd door door de raad aan te wijzen organisaties van ondernemers en van werknemers. Voor aanwijzing komen slechts in aanmerking naar het oordeel van de raad representatieve organisaties van ondernemers en van werknemers.
3. De organisaties van ondernemers en van werknemers die leden van de commissies benoemen, zijn bevoegd voor elk lid dat zij benoemen tevens een plaatsvervanger aan te wijzen.
4. De voorzitter van het productschap is tevens voorzitter van de commissies.
5. De zittingsperiode van de leden van de commissies valt samen met die van de leden van het bestuur van het productschap.
6. De commissies dienen elk voor haar werkgebied het bestuur van advies, voeren de door het bestuur aan hen gedelegeerde taken uit en kunnen elk voor haar werkgebied voorstellen doen voor door het bestuur vast te stellen verordeningen.